EUCHARISTISCHE HOOGGEBEDEN

EUCHARISTISCH HOOGGEBED  1

 

 

Goede Vader,

Wij danken U voor Jezus, Uw zoon,

die ons kwam leren wie Gij zijt.

Zijn boodschap geeft zin aan ons leven :

in Hem blijft Gij ons nabij.

Door hem groeien wij in liefde voor U

en voor allen die met ons op weg zijn.

God, onze Vader, wij vragen U :

zend over dit brood en deze wijn de kracht van uw Geest,

nu wij hier samen zijn om hem te gedenken,

die zich aan U en aan ieder van ons

gegeven heeft tot het uiterste.

 

Die op de avond voor zijn lijden en dood

het brood in zijn handen heeft genomen,

en zijn ogen opgeslagen heeft naar U,

God, zijn almachtige Vader,

de zegen uitgesproken heeft, het brood gebroken

en aan zijn leerlingen gegeven met de woorden :

 

"Neem en eet hiervan, gij allen,

want dit is mijn lichaam dat voor u gegeven wordt".

 

Zo nam hij ook, toen zij gegeten hadden,

de beker in zijn handen,

Hij sprak de zegen en het dankgebed,

reikte hem over aan zijn leerlingen en zei :

 

"Neem deze beker en drink hier allen uit,

want dit is de beker van het nieuwe, altijddurende ver­bond,

dit is mijn bloed, dat voor u en alle mensen wordt vergoten

tot vergeving van de zonden.

Blijf dit doen om mij te gedenken."

 

 

EUCHARISTISCH HOOGGEBED  2

 

 

God, onze Vader,

wij danken U met heel ons hart,

want Gij hebt ons tot leven geroepen,

Gij hebt ons bestemd voor het geluk

in Jezus, Uw Zoon, onze Heer.

 

In Hem zien wij Uw goedheid

en Uw wil om ons allen te redden.

Hij is het verlossende Woord,

Uw helpende hand.

Nooit willen wij vergeten

hoe Hij één werd met ons

in lijden en dood.

Onze last maakte Hij tot de Zijne,

Zijn trouw werd de onze.

Blijvend zijn wij U dank verschuldigd om Hem.

 

God, onze Vader, wij vragen U :

zend over dit brood en deze wijn

de kracht van Uw Heilige Geest ;

dat zij voor ons het lichaam en bloed worden

van Uw veelgeliefde Zoon, Jezus Christus.

 

Toen het paasfeest op handen was

kwam Zijn uur.

Hij had de Zijnen in de wereld bemind ;

nu gaf Hij hun een bewijs

van Zijn liefde tot het uiterste toe.

 

Hij heeft brood in Zijn handen genomen,

Zijn ogen opgeslagen

naar U, God, Zijn almachtige Vader,

de zegen uitgesproken, het brood gebroken

en aan Zijn leerlingen gegeven met de woorden :

 

Neem en eet hiervan, gij allen,

want dit is Mijn lichaam dat voor u gegeven wordt.

 

Zo nam Hij ook, toen zij gegeten hadden,

de beker in Zijn handen,

Hij sprak de zegen en het dankgebed,

reikte hem over aan Zijn leerlingen en zei :

 

Neem deze beker en drink hier allen uit,

want dit is de beker

van het nieuwe, altijddurende verbond ;

dit is mijn bloed

dat voor u en alle mensen wordt vergoten

tot vergeving van de zonden.

Blijf dit doen om Mij te gedenken.

 

Verkondigen wij het mysterie van het geloof.

 

Heer Jezus, wij verkondigen ...

 

Trouw aan dit Woord, Vader,

gedenken wij Jezus Christus,

Uw Zoon, onze Heer :

Zijn overgave in lijden en dood,

de overwinning van Zijn verrijzenis

en de glorie van Zijn Hemelvaart ;

wij bieden U deze gaven aan,

het levende brood en de heilzame beker,

terwijl wij vol vertrouwen uitzien

naar Zijn komst in heerlijkheid.

 

 

Zend nu, Vader,

de trooster en helper in ons midden, Uw Heilige Geest.

Wek de gezindheid van Jezus Christus in ons hart.

Sterk ons vertrouwen, verruim onze liefde.

Raak ons met het vuur van Uw Geest

en breng ons elkaar nabij.

 

Vrijmoedig in deze Geest, bidden wij U, Vader,

voor Uw heilige Kerk.

Bescherm haar en leid haar ;

geef haar vrede en eenheid over heel de wereld.

Geef wijsheid en kracht aan paus (N.),

aan onze bisschop (N.)

en aan allen die Gij als herders

in Uw Kerk hebt aangesteld.

 

Gedenk in Uw goedheid ook degenen

die een bijzondere plaats innemen in ons hart

en vergeet niet hen,

die door de dood van ons zijn heengegaan.

 

Samen met heel Uw volk,

met de maagd Maria, de moeder van de Heer

met de apostelen, martelaren en al Uw heiligen ;

samen ook met allen ter wereld,

die op U hun vertrouwen hebben gesteld,

vragen wij om Uw barmhartigheid,

erkennen wij Uw grootheid

en brengen wij U onze dank

door Jezus, Uw Zoon, onze Heer.

 

Door Hem en met Hem en in Hem

zal Uw Naam geprezen zijn,

Heer, onze God, almachtige Vader,

in de eenheid van de Heilige Geest,

hier en nu en tot in eeuwigheid.  Amen.

 

 

EUCHARISTISCH HOOGGEBED   3

 

 

Ja, waarlijk, heilig zijt Gij Vader,

Gij zijt de bron, uit U stroomt alle heiligheid.

Stort uw Geest nu uit over deze gaven

zodat zij voor ons geheiligd worden

tot li­chaam en bloed van Jezus Christus, uw Zoon.

 

Toen Hij werd overgeleverd

en vrijwillig zijn lijden aanvaardde,

nam Hij brood in zijn han­den, dankte U,

brak het om het te verdelen en sprak :

 

Neem en eet hiervan, gij allen,

want dit is Mijn lichaam dat voor u gege­ven wordt.

 

Na de maaltijd nam Hij ook de beker in zijn handen,

dankte U opnieuw, reikte hem aan zijn leerlingen en sprak :

 

Neem deze beker en drink allen hieruit

want dit is de beker van het nieuwe,

altijd­durende verbond ;

dit is Mijn bloed dat voor u en alle mensen wordt vergoten

tot vergeving van de zon­den.

Blijf dit doen om Mij te gedenken.

 

 

Daarom gedenken wij, zoals Hij het heeft gewild,

dat uw Zoon is gestorven en verre­zen, heilige Vader,

en wij bieden U aan wat Hij ons heeft gegeven :

dit brood dat leven geeft

en deze beker die ons redde van de dood.

 

Wij danken U omdat Gij, sinds die dag,

ons waardig hebt bevonden voor uw aanschijn te treden

en U dit offer te bereiden.

Wij hebben deel voortaan aan het lichaam en het bloed

van uw eerstgeboren Zoon en vragen U met aandrang

dat wij naar elkaar toegroeien

door de kracht van uw heilige Geest.

Gedenk dan uw Kerk, Heer, over heel de aarde,

voltooi uw liefde in onze gemeen­schap

rondom de bisschop van Rome, paus Johannes Paulus

en onze bisschop Arthur

en allen die Gij tot uw dienst hebt geroepen.

 

Gedenk ook onze broeders en zusters

die door de dood heen zijn gegaan

en leven in de verwachting der verrijzenis.

Gedenk alle men­sen die gestorven zijn.

Neem hen op in uw barmhartigheid en laat hen treden

in de luister van uw aanschijn.

 

Neem ook ons allen op in uw liefde,

dan zullen wij met de maagd Maria, de moeder van uw Zoon,

met uw apostelen en met allen

die op deze aarde leefden in uw welbeha­gen,

delen in uw eeuwig leven.

Dan zal de lofzang die wij nu hebben aange­heven

in dankbaar gedenken van uw gelief­de Zoon

aanhouden tot in uw heerlijk­heid.

 

Door Hem en met Hem en in Hem

zal uw naam geprezen zijn,

Heer onze God, almachtige Vader,

in de eenheid van de heilige Geest,

hier en nu en tot in eeuwig­heid.  Amen.

 

 

EUCHARISTISCH HOOGGEBED  4  -  EMMAÜSCANON

 

 

Hemelse Vader,

met eerbied noemen wij uw Naam.

Altijd zijt Gij met ons op weg

en dichter dan wij durven dromen

zijt Gij bij ons

wanneer uw Zoon ons samenbrengt rond deze tafel,

waar wij uw liefde vieren met brood en beker.

Zoals eens op de weg naar Emmaüs

ontsluit Hij nu voor ons de Schrift

en wij herkennen Hem bij het breken van het brood.

 

Daarom bidden wij, almachtige God :

beadem met uw Geest dit brood en deze wijn

zodat Jezus Christus in ons midden komt

met de gaven van Zijn lichaam en Zijn bloed.

 

Want op de avond voor Zijn lijden

nam Hij onder de maal­tijd brood

en sprak tot U een dank­gebed.

Hij brak het brood

en gaf het aan Zijn leerlingen terwijl Hij zei :

Neem en eet hiervan, gij allen,

want dit is Mijn lichaam

dat voor u gegeven wordt.

 

Zo nam Hij ook de beker met wijn

en sprak opnieuw het dank­gebed ;

Hij gaf hem aan Zijn leerlingen en sprak :

 

Neem deze beker en drink hier allen uit

want dit is de beker van het nieuwe,

altijddurende verbond ;

dit is Mijn bloed dat voor u en alle mensen wordt vergoten

tot vergeving van de zonden.

Blijf dit doen om Mij te gedenken.

 

Verkondigen wij het mysterie van het geloof.

 

Heer Jezus, wij verkondigen Uw dood

en wij belijden tot Gij wederkeert,

dat Gij verrezen zijt.

 

Oneindig goede Vader,

wij vieren de gedachtenis van onze verzoening

en wij verkondigen de liefde die Gij ons betoont.

Uw Zoon is door het lijden en de dood gegaan,

en tot nieuw leven opgewekt,

is Hij ingetreden in uw heer­lijk­heid.

Zie met genegenheid neer op dit offer

en erken erin uw eigen Zoon

die zijn leven heeft gegeven

en zijn bloed vergoten opdat voor ons

de weg naar U, Vader, geopend en begaanbaar zij.

Barmhartige God,

laat de Geest van Jezus in ons wonen

en vervul ons met uw liefde.

Sterk ons door de gaven van zijn lichaam en zijn bloed

en maak nieuwe mensen van ons ;

dat wij op Jezus gelijken.

 

Bescherm onze Paus, en onze Bisschop Arthur,

leer alle gelovigen van uw kerk

de tekenen van deze tijd verstaan

en maak ons trouw

in de beleving van uw evange­lie.

 

Maak ons herbergzaam van hart

voor alle mensen rondom ons ;

dat wij delend in hun vragen en hun pijn,

in hun vreugden en hun hoop

hen de weg aanto­nen

die naar uw liefde leidt.

 

Erbarm U, Vader, over onze broeders en zusters

die in de vrede van Christus naar U zijn teruggekeerd,

en over alle gestorvenen

waarvan Gij alleen het geloof hebt gekend.

Breng hen tot het licht van de verrijzenis.

 

En als ook onze weg ten einde loopt,

neem ons dan op in Uw huis,

waar plaats is voor velen.

Schenk ons de vervulling

van onze levenslange hoop :

overvloedig leven in uw heerlijkheid.

 

Laat ons toe in de gemeenschap van uw heiligen ;

dat wij met Maria, de Maagd en Moeder Gods,

met uw apostelen en martelaren,

en al de anderen die U gene­gen zijn,

dankbaar uw Naam aanbidden

en U prijzen door Jezus Chris­tus,

onze Heer.

 

Door Hem en met Hem en in Hem

zal Uw Naam geprezen zijn,

Heer, onze God, almachtige Vader,

in de eenheid van de Heilige Geest,

hier en nu en tot in eeuwigheid. Amen.

 

 

EUCHARISTISCH HOOGGEBED 5  VOOR VERZOENING  1

 

 

Ja, het is passend en goed

dat wij U dankzeggen,

God, menslievend en barmhartig als Gij zijt.

Gij laat nooit af ons op te roepen

tot een leven vol geluk.

Gij zijt een God van tederheid en mededogen ;

altijd staat Gij gereed om te vergeven,

en al wie gezondigd heeft,

nodigt Gij telkens weer uit

zich te verlaten op uw barmhartigheid alleen.

Hoe dikwijls werd uw verbond door ons verbroken,

maar berusting kent Gij niet :

een nieuw verbond hebt Gij tot stand gebracht

door Jezus, uw Zoon, onze Heer.

Zo dicht hebt Gij de mensen naar U toegehaald

dat niets ons nog van U kan scheiden.

In deze tijd van verzoening en genade

geeft Gij uw volk gelegenheid

in Christus te herademen

en zich tot U te keren,

om meer dan ooit uw heilige Geest te volgen

en zo in dienst te staan van heel de mensheid.

 

Vol bewondering en dank om Uw liefde die zoveel vermag,

om de vreugde der verlossing die Christus heeft gebracht,

zeggen/zingen en belijden wij met ontelbaar velen

in de hemel en op de aarde :

 

Heilig ...

 

Van in den beginne brengt Gij tot stand

wat goed is voor de mens

om hem te heiligen zoals Gij heilig zijt.

Zie naar uw volk dat hier verzameld is,

en zend de kracht van uw heilige Geest.

Maak deze offergaven voor ons

tot het lichaam en het bloed

van uw Zoon, uw welbeminde, + Jezus Christus,

in wie ook wij uw kinderen zijn.

 

Toen wij verloren waren

en niet in staat U naderbij te komen,

hebt Gij nog het meest getoond hoezeer Gij ons bemint :

uw Zoon, de enige Gerechte,

heeft zich overgeleverd in onze handen ;

Hij werd genageld aan een kruis.

Daar heeft Hij met wijd gestrekte armen

het onverwoestbaar teken opgericht

van het verbond tussen de hemel en aarde.

Maar vooraleer dat alles te volbrengen

heeft Hij het paasmaal willen vieren,

te midden van zijn leerlingen.

 

Aan tafel nam Hij het brood,

sprak de zegen en het dankgebed ; toen brak Hij het

en gaf het aan de zijnen, terwijl Hij zei :

Neem en eet hiervan, Gij allen,

want dit is Mijn Lichaam

dat voor u gegeven wordt.

 

Aan het einde van dit laatste avondmaal,

wel wetend dat Hij alles zou verzoenen

door zijn bloed op het kruis, nam Hij de beker wijn,

sprak opnieuw het dankgebed,

liet hem rondgaan bij zijn vrienden terwijl Hij zei :

 

 

 

Neem deze beker en drink hier allen uit

want dit is de beker

van het nieuwe, altijddurende Verbond ;

dit is Mijn Bloed

dat voor u en alle mensen wordt vergoten

tot vergeving van de zonden.

Blijft dit doen om Mij te gedenken.

 

 

Heer Jezus, wij verkondigen uw dood

en wij belijden tot Gij wederkeert,

dat Gij verrezen zijt.

 

 

Terwijl wij Jezus Christus gedenken,

ons paaslam en onze uiteindelijke vrede ;

terwijl wij zijn dood en opstanding vieren

en uitzien naar de gezegende dag

waarop Hij zal wederkomen

om onze vreugde te voltooien,

bieden wij U, waarachtige en getrouwe God,

het offer aan waardoor de mensheid

in uw vriendschap is hersteld.

 

Algoede Vader, zie met liefde neer op allen

die Gij naar U toetrekt.

Gij laat hen delen in het éne offer van Christus ;

dat zij één lichaam worden,

gaaf en onverdeeld, door de kracht van de Geest.

Houd ons allen bijeen

in één gemeenschap van geest en hart,

samen met onze paus N. en onze bisschop N.

Help ons mee te werken aan de komst van uw Koninkrijk

tot de dag komt en het uur

waarop wij voor U zullen verschijnen.

 

Geef ons dan een plaats met al uw heiligen in de hemel,

aan de zijde van de Maagd Maria en van de apostelen,

verenigd ook met onze broeders en zusters

die wij hebben toevertrouwd aan uw barmhartigheid,

toen zij van ons zijn heengegaan.

 

Vanuit de vreugde om die nieuwe schepping,

voorgoed gevrijwaard van de dood,

zullen wij in waarheid mogen aanheffen

het lied van dank van de verrezen Heer.

 

Door Hem en met Hem en in Hem

zal Uw Naam geprezen zijn,

Heer, onze God, almachtige Vader,

in de eenheid van de Heilige Geest,

hier en nu en tot in eeuwigheid.

 

 

EUCHARISTISCH HOOGGEBED 6  VOOR VERZOENING  2

 

 

U, God, almachtige Vader,

danken en prijzen wij

door onze Heer Jezus Christus

voor Uw werkzame aanwezigheid in deze wereld.

Want te midden van een mensheid

die verdeeld is door onenigheid en tweespalt,

ondervinden wij dat God ons hart ombuigt

en bereid maakt tot verzoening.

Uw Geest immers beweegt het mensenhart,

zodat vijanden weer met elkaar gaan spreken,

tegenstanders elkaar de hand weer reiken,

en volkeren elkaar willen ontmoeten.

 

Aan U is het te danken

wanneer de wapens zwijgen

en de rede zich kan doen verstaan ;

wanneer wrok voor vergeving moet wijken

en vergiffenis het wint van haat.

 

Daarom prijzen en danken wij U, zonder ophouden,

en wij sluiten ons aan

bij de lofzang van de engelen in de hemel,

die U toejuichen zonder einde :

 

Heilig, heilig ...

 

U, Heer van alle machten en krachten,

prijzen wij door Jezus Christus, Uw Zoon,

die in Uw Naam gekomen is.

Hij is Uw Woord dat ons redt,

de hand die Gij aan zondaars reikt,

de weg waarlangs Uw vrede ons wordt aangeboden.

God, Vader van ons allen,

toen wij ons van U hadden afgewend,

hebt Gij ons doen terugkeren door Uw Zoon.

Hem hebt Gij overgeleverd tot in de dood,

opdat wij ons tot U bekeren en elkander beminnen.

 

Daarom vieren wij de verzoening

die Christus ons heeft gebracht,

en vragen wij U : heilig deze gaven

met de dauw van Uw Heilige Geest

nu wij de opdracht van Uw Zoon vervullen.

 

Want, voor Hij Zijn leven ging geven om ons te bevrijden,

heeft Hij brood in Zijn handen genomen,

Zijn ogen opgeslagen naar U, God, Zijn almachtige Vader,

de zegen uitgesproken, het brood gebroken

en aan Zijn leerlingen gegeven met de woorden :

 

Neem en eet hiervan, gij allen,

want dit is Mijn lichaam dat voor u gegeven wordt.

 

Zo nam Hij ook, toen zij gegeten hadden,

de beker in Zijn handen,

Hij sprak de zegen en het dankge­bed,

reikte hem over aan Zijn leerlingen en zei :

 

Neem deze beker en drink hier allen uit,

want dit is de beker van het nieuwe, altijddurende verbond ;

dit is Mijn bloed dat voor U en alle mensen wordt vergoten

tot vergeving van de zonden.

Blijf dit doen om Mij te gedenken.

 

Verkondigen wij het mysterie van ons geloof.

Heer Jezus, wij verkondigen ...

 

Heer, onze God,

Uw Zoon heeft ons dit onderpand van Zijn liefde nagelaten.

Daarom gedenken wij Zijn dood en verrijzenis

en bieden wij U aan,

wat Gij ons hebt gegeven :

het offer van volkomen verzoening.

 

Heilige Vader, wij smeken U :

neem ook ons aan,

te zamen met Uw Zoon,

en schenk ons Zijn Geest

in deze maaltijd.

Dan zal de Geest verwijderen wat scheiding brengt.

Laat Hij ons bewaren

in de gemeenschap met (N.) onze paus

en (N.) onze bis­schop,

met alle bisschoppen en met geheel Uw volk.

Maak Uw Kerk, zo bidden wij,

tot teken van eenheid onder de mensen

en tot werktuig van Uw vrede.

 

Gij hebt ons hier bijeengebracht

aan de tafel van Uw Zoon,

samen met de heilige Maagd en moeder van God, Maria,

en met alle heiligen.

Breng zo de mensen bijeen van alle rangen en standen,

van alle rassen en talen

om in eenheid de maaltijd te vieren tot de eeuwige verzoening

in een nieuwe wereld, die vervuld is van Uw vrede,

door Christus, onze Heer.

 

Door Hem en met Hem en in Hem zal Uw Naam geprezen zijn,

Heer onze God, almachtige Vader,

in de eenheid van de Heilige Geest,

hier en nu en tot in eeuwigheid.  Amen.

 

 

EUCHARISTISCH HOOGGEBED  7

 

 

Goede God, wij geloven dat U woont

in het ontoegankelijke licht : groot en heilig.

Niemand heeft U ooit gezien

en toch geloven wij dat U een God van mensen bent :

zo gewoon en eenvoudig, en midden onder ons.

U bent ons nabij als het hart van de ander,

als liefde van mensen onder elkaar.

 

Zo bent U ons verschenen in Jezus, uw Zoon.

Hij heeft ons geleerd dat U onze Vader bent :

goed en mild en vol menselijke liefde.

Rondom deze tafel heeft Hij ons verzameld

als kinderen van één gezin.

 

In die laatste nacht, waarin Hij verraden werd,

toen Hij wist dat zijn uur gekomen was

gaf Hij zijn vrienden het teken

van zijn liefde tot het uiterste toe.

 

Hij nam het brood van de tafel in zijn handen,

Hij dankte U en bracht U lof, en met zijn vrienden

heeft Hij toen het brood gebroken, met de woorden :

 

neem dit brood en eet ervan want dit is mijn lichaam

dat voor u gebroken en gegeven wordt.

 

Zo nam Hij ook de beker in zijn handen,

en weer dankte Hij U

en gaf de beker aan zijn vrienden met de woorden :

 

drink hiervan allen,

want dit is het nieuwe verbond in mijn bloed,

dat vergoten wordt voor u en voor alle mensen

tot vergeving van de zonden.

 

Telkens als gij van dit brood eet en deze beker drinkt

zult gij het doen tot gedachtenis aan Mij.

 

Heer Jezus, Wij verkondigen uw dood

en wij belijden tot Gij wederkeert

dat Gij verrezen zijt.

 

God onze Vader, in dit uur,

verenigd rondom deze tafel,

willen wij doen wat Hij heeft gedaan :

wij nemen het brood, wij drinken de beker

en gedenken de dood en de verrijzenis

van Jezus, uw Zoon.

 

Hij stierf omdat Hij trouw was aan uw opdracht

en goed was voor de mensen - bovenmate -

en daarom zal Hij tot het einde van de tijden

blijven leven als de Heer van allen die geloven.

Goede God, wij vouwen onze handen en vragen U :

dat de Geest van Jezus Christus

onder ons mag wonen.

 

Open onze ogen voor de nood in de wereld.

Breng alle rassen en volken,

alle rangen en standen tezamen in uw Rijk.

Dan wordt deze oude aarde opnieuw bewoonbaar

door onze goedheid en menselijkheid.

 

En dan wordt door Hem en met Hem

alle eer gebracht aan U, God onze Vader,

samen met de heilige Geest,

in de eeuwen der eeuwen.  Amen.

 

 

EUCHARISTISCH HOOGGEBED 8

 

 

Goede vader, Jezus doorbreekt de kring

van ons egoïsme

en maakt ons vrij voor het goede.

Hij is het Licht van de wereld :

waar Hij voorbijgaat wordt het licht

en wijkt de duisternis.

Hij brengt leven in de wereld, het volle leven.

Hij schenkt ons het grote teken van Zijn liefde.

 

 

Want op de dag voor Zijn lijden nam Hij brood,

sloeg Zijn ogen op naar U, God, Zijn almachtige Vader

en Hij dankte U.  Hij brak het brood

en deelde het uit aan Zijn vrienden met de woorden :

 

Neem en eet, dit is Mijn Lichaam,

dat voor u gegeven wordt.

 

Dan nam Hij ook de beker met wijn.

Hij sprak een dankgebed uit

en reikte de beker aan Zijn vrienden met de woorden :

 

Neem deze beker en drink hier allen uit,

want dit is Mijn Bloed dat voor u en voor allen

vergoten wordt tot vergeving van de zonden.

Blijf dit doen om Mij te gedenken.

 

Als wij dan eten van dit brood

en drinken uit deze beker

verkondigen wij de dood van de Heer

totdat Hij wederkomt.

 

Dankbaar gedenken wij nu wat Jezus deed,

want weldoende ging Hij rond,

liefde tot het uiterste betoonde Hij op het kruis

en Hij verrees tot een nieuw leven.

Dankbaar gedenken wij Jezus Chris­tus, onze hoop.

 

Hij bouwt met ons de stad van vrede

opdat oorlog en ruzie verdwijnen.

Hij dekt de lange tafel over de hele wereld

opdat iedereen zou aanzitten.

 

Hij breekt het brood van iedere dag

opdat allen broederlijk zouden delen.

Hij schenkt de wijn van vreugde

opdat allen elkaar de hand zouden reiken.

 

In die geest bieden wij

door Hem en met Hem en in Hem

dit dankoffer aan

aan U, almachtige Vader,

samen met heel de jonge Kerk.  Amen.

 

 

EUCHARISTISCH HOOGGEBED  9

 

 

Daarom willen wij Hem gedenken,

in taal en teken Hem aanwezig brengen,

zijn geest weer kansen geven

in de ruimte van ons hart.

 

 

Toen Hij met zijn vrienden bijeen was,

de laatste avond voor zijn lijdensweg,

heeft Hij het brood genomen,

en U, die Hij God en Vader noemde,

voor alles dank gezegd.

Hij brak het brood en gaf het hun. Hij zei :

 

Neem en eet hiervan want dit ben ik voor u,

brood voor het leven van mens en wereld.

 

Hij nam ook de beker, keerde zich in tot U, God,

en dankte weer om alles.  Hij zei :

 

Dit is een teken van het verbond van trouw

waarvoor ik mijn leven geef

opdat het kwade, het onmenselijke zou verdwijnen,

opdat er vreugde zou zijn voor ieder.

Wanneer gij eet van dit brood

of drinkt uit deze beker

doet het dan om Mij niet te vergeten,

om niet te vergeten mijn leven te leven.

 

Als wij dan eten van dit brood

en drinken uit deze beker

verkondigen wij de dood van de Heer

totdat Hij komt.

 

Daarom durven wij bidden, God :

geef ons uw geest die Hem bezielde,

verruim onze liefde,

maak ons pretentieloos - eenvoudig

en steek kracht in onze daden.

Geef dat wij,

die aan hetzelfde brood gaan deel hebben,

mekaar niet in de steek laten.

Moge onze liefde toenemen in helder inzicht

en fijngevoeligheid

om te kunnen onderscheiden waar het op aankomt,

vandaag en morgen en alle dagen van ons leven.

 

Op U vertrouwen wij voor onszelf,

voor allen die een bijzondere plaats

innemen in ons leven,

en voor allen die ons zijn voorgegaan

op de weg van tijd naar eeuwigheid.

Op uw Geest vertrouwen wij voor de kerk,

en voor allen die haar leiden en stuwen,

voor alle kerken die uw Zoon belijden,

en voor allen,

die leven vanuit hun eerlijkheid

in liefde tot de mens.

 

Op het woord van Jezus, uw Zoon,

durven wij ons met onze verlangens

naar U keren, en durven wij U zeggen :

 

 

EUCHARISTISCH HOOGGEBED 10

 

 

Wat mogen wij dankbaar zijn, wij mensen

dat wij mogen geloven thuis te zijn in deze wereld,

nooit verlaten,

altijd opgeroepen en opgenomen door een vraag

van iemand die geen raad weet,

door een behoefte van iemand die hulp verwacht,

door een lach van iemand die liefde schenkt,

door een vreugdekreet van iemand

die zich leven voelt.

 

Wij geloven en belijden in dit samenzijn

dat U, goede Vader, dit alles draagt :

Gij zijt de bodem van onze vreugde,

Gij zijt de heling van onze pijn,

Gij geeft leefbaarheid te midden

van droefheid en ellende.

Gij zijt met ons verbonden,

meer dan wij vermoe­den

temidden van alles wat wij mogen meemaken,

dag na dag.

 

Het teken daarvan is Jezus, Uw Zoon.

Op de avond voor Zijn lijden en dood

heeft hij brood in Zijn handen genomen,

Zijn ogen opgeslagen naar U,

God, Zijn almachtige Vader,

de zegen uitgesproken,

het brood gebroken

en het aan Zijn leerlingen gegeven met de woorden :

 

Neem en eet hiervan, gij allen,

want dit is Mijn lichaam

dat voor u gegeven wordt.

 

Zo nam Hij ook, toen zij gegeten hadden,

de beker in Zijn handen,

Hij sprak de zegen en het dankgebed,

reikte hem over aan Zijn leerlingen en zei :

 

Neem deze beker, en drink hier allen uit,

want dit is de beker van het nieuwe,

altijddurende verbond ; dit is Mijn bloed

dat voor u en voor alle mensen wordt vergoten

tot vergeving van de zonden.

Blijf dit doen om Mij te gedenken.

 

Verkondigen wij het mysterie van het geloof.

 

Heer Jezus, wij verkondigen ...

 

Dankend vieren wij samen de gedachtenis aan Jezus,

geen leven is zo vruchtbaar geweest,

geen mens was zo gegeven.

 

Hij is met U de weg gegaan

ten einde toe, en zie, Hij leeft;

Gij hebt Hem gemaakt tot Heer van alle levenden,

de hoop en de toekomst van de wereld.

In Hem breekt een nieuwe schepping door

en uit Zijn dood ontspringt ons leven.

Om Hem durven wij hopen dat alles mogelijk wordt

het onheil gekeerd, de boosheid overwonnen,

en de dood vernietigd.

 

Wat gij begonnen zijt door Hem,

breng dat tot voltooiing door uw Geest.

Hij zal ons bemoedigen als wij twijfelen,

Hij zal de herinnering aan Jezus levend houden in ons.

Hij zal ons zenden om te doen wat gedaan moet wor­den.

Hij zal ons vervullen,

want Hij is de Geest van de belofte.

 

Zo zullen wij met allen die in deze wereld

gewerkt en gehoopt hebben Uw mensheid worden

door Jezus Christus,

totdat onze verwachting tot rust komt

in de vervulling van Uw rijk.

Aan U die bij machte zijt oneindig meer in ons

te volbrengen dan wij ver­moeden,

aan U is de heerlijkheid in de Kerk,

en in Jezus Christus tot in alle eeuwigheid.  Amen.

 

 

 

 

EUCHARISTISCH HOOGGEBED  11

 

In Jezus, Uw Zoon, is zichtbaar geworden

waarnaar Uw liefde uitgaat.

Mens geworden, overwon Hij de dood

en deed Hij onze hoop weer leven.

Hij gaf nieuw voedsel aan ons verlangen,

want in brood en beker liet Hij ons tekenen na

van een blijvend leven met Hem.

Zegen daarom deze gaven :

dat zij het lichaam en bloed zijn

van Uw beminde Zoon.                                     

 

Want, op de avond voor Zijn lijden en dood

heeft Hij brood in Zijn handen genomen,

Zijn ogen opgeslagen naar U, God,

Zijn almachtige Vader, de zegen uitgesproken,

het brood gebroken en aan Zijn leerlingen gegeven

met de woorden :

 

Neem en eet hiervan, gij allen,

want dit is Mijn lichaam dat voor u gegeven wordt.

 

Zo nam Hij ook, toen zij gegeten hadden,

de beker in Zijn handen.

Hij sprak de zegen en het dankgebed,

reikte hem over aan Zijn leerlingen en zei :

 

Neem deze beker en drink hier allen uit,

want dit is de beker van het nieuwe, altijddurende verbond

dit is Mijn bloed

dat voor u en alle mensen wordt vergoten

tot vergeving van de zonden.

Blijf dit doen om Mij te gedenken.

 

Verkondigen wij het mysterie van het geloof.

Heer Jezus, wij verkondigen ...

 

In Zijn lijden, God,

gedenken wij het leed van heel Uw aarde,

van al Uw mensen, die in duisternis gevangen zijn.

 

In Zijn verrijzenis

vieren wij het licht van over onze dood,

maar ook dat wij elkaar opnieuw

het leven kunnen geven

want zo geeft Gij Uw Geest aan ons.

 

Wij bidden U : zend dan Uw Geest

die onze ogen opent voor het geheim van alle leven,

die onze stem doet spreken

over wat geen mens ooit heeft gezien,

die in ons hart te binnen brengt

hoe Gij, God, uw leven delen wilt met ons.

 

Dat deze Geest ons klaar maakt

voor de weg die Gij ons wijst :

barmhartigheid en verzoening,

liefde en recht, vrede op aarde,

zoals in Jezus, Uw Zoon.

In Hem prijzen wij Uw naam, heilige God,

want aan U alleen komt alle eer toe.

Door Hem, met Hem en in Hem,

is U, God, hemelse Vader,

alle lof en dank, vandaag en alle dagen,

tot in eeuwigheid.  Amen.

 

 

EUCHARISTISCH HOOGGEBED  12

 

 

 

Almachtige Vader,

wat onmogelijk is bij de mensen

hebt Gij mogelijk gemaakt :

Gij hebt ons Jezus Christus gegeven.

 

Hij was een mens van louter vrijheid,

alleen gedreven door Uw wil,

alleen geboeid door de mensen

die Gij Hem gegeven hebt.

 

Tot lijden en dood toe heeft Hij zichzelf gegeven :

daarvan heeft Hij een teken onder ons nagelaten.

Op de avond voor Zijn lijden en dood

heeft Hij het brood in Zijn handen genomen,

Zijn ogen opgeslagen naar U, God, Zijn almachtige Vader,

de zegen uitgesproken, het brood gebroken

en aan Zijn leerlingen gegeven met de woorden :

 

Neem en eet hiervan, gij allen

want dit is Mijn lichaam

dat voor u gegeven wordt.

 

Zo nam hij ook, toen zij gegeten hadden,

de beker in Zijn handen,

Hij sprak de zegen en het dankgebed,

reikte hem over aan Zijn leerlingen en zei :

 

Neem deze beker, en drink hier allen uit,

want dit is de beker van het nieuwe, altijddurende verbond;

dit is Mijn bloed dat voor u en alle mensen wordt vergoten

tot vergeving van de zonden.

Blijf dit doen om Mij te gedenken.

 

Daarom vieren wij Zijn dood en Zijn verrijzenis

als teken van verlossing en leven.

Dat Hij nu leeft aan Uw rechterhand

is de toekomst die Hij ons geeft.

 

Brood en beker bieden wij U aan

tot verheerlijking van Uw naam,

en opdat Uw Geest in ons moge leven.

 

Moge deze Geest ons dan vernieuwen

en ons hart brandend houden

van verlangen naar U.

Moge Hij ons verzamelen en sterk maken

om, vervuld van Uw gaven,

in dienst aan elkaar

trouw te blijven aan de weg

die Hij gegaan is, Jezus, Uw dienaar.

Door Hem prijzen wij U,

met en in Hem zij uw Naam geheiligd,

God, eeuwige Vader,

met de Heilige Geest

tot in eeuwigheid.

Amen.

 

 

EUCHARISTISCH HOOGGEBED  13

 

 

God, die voor ons zo onbegrijpelijk en ver weg bent

maar die ons nabij wilt zijn

waar wij de tekenen van uw aanwezigheid verstaan :

U hebt tot uw profeten en heiligen

gesproken in dromen en visioenen,

die hun de kracht gaven uw weg te gaan.

 

U hebt hen gemaakt

van stotteraars tot grote redenaars,

van laffe kleine mensen

tot mensen vol geloof dat bergen verzetten kan,

tenslotte hebt U

tot ons gesproken in Jezus, uw Zoon,

beeld van uw goedheid, beeld van U zelf :

Hij leefde onder de mensen en droomde van een volk,

van nieuwe mensen die, één van geest en één van hart,

zich geroepen wisten tot elkaars geluk.

 

Toen zijn vijanden Hem naar het leven stonden

en Hem zijn droom wilden ontnemen

riep Hij op de avond voor zijn dood

zijn vrienden bij zich aan tafel ;

Hij nam brood in zijn handen,

sprak het dankgebed uit, brak het brood

en gaf het aan zijn vrienden met de woorden :

"neem en eet allen hiervan,

want dit is mijn lichaam, gebroken voor U.

 

Zo nam Hij ook de beker, dankte U opnieuw

en gaf hem aan zijn vrienden met de woorden :

"neem deze beker en drink er allen van

want dit is het bloed van het nieuwe verbond

dat voor U en alle mensen vergoten wordt

tot vergeving van de zonden".

Telkens als gij hiervan eet en drinkt

moet gij het doen tot mijn gedachtenis.

Dit is het verbond van God met de mensen !

 

En nadat Hij gestorven en begraven was

hebt U Hem opgewekt uit de dood,

hebt U Hem, als een droom,

in ons laten voortleven.

 

Wij bidden U :

moge uw Geest ons aanzetten

om in zijn voetstappen verder te gaan,

doe ons onze roeping verstaan

en laat die droom werkelijkheid worden :

dat de eenzamen liefde mogen vinden,

dat de rijkdom en de zorgen van het leven

ons niet mogen verstikken.

 

Dat wij, ieder op zijn eigen plaats,

de ander weten te sterken en te bevestigen

totdat Gij zelf

al onze dromen

in vervulling zult doen gaan :

dan zullen wij zingen

en gelukkig zijn

tot in alle eeuwigheid.  Amen.

 

 

EUCHARISTISCH HOOGGEBED  14 naar Jacobus

 

 

Heer onze God,

Gij zijt heilig en goed -

en zo vertrouwd met ons

dat onze namen staan

geschreven in uw hand.

Geen mens zult Gij

verloren laten gaan

dank zij Jezus Christus,

de Zoon van uw genade,

die Gij hebt voortgebracht

en uitgezonden hebt

om tranen te drogen

van mensen die geslagen zijn,

om wonden te genezen

van mensen die gebroken zijn,

om brood te worden voor vandaag

en de vrede zelf te zijn.

Wij danken U,

dat Hij ons ruimte geeft

en vrijheid die bestaat,

dat Hij de naam geworden is

voor heel ons leven

ten einde toe.

 

Want in de nacht

dat Hij zijn leven gaf,

nam Hij brood in zijn handen -

Hij dankte U, brak het

en gaf het aan zijn leerlingen

met de woorden:

neem en eet hiervan,

want dit is mijn Lichaam -

gegeven voor u.

 

Ook nam Hij de beker, dankte U weer,

en gaf hem aan zijn leerlingen

met de woorden:

neem deze beker en drink hieruit,

want dit is de beker van het nieuwe Verbond -

dit is mijn Bloed,

voor u en voor allen vergoten

tot vergeving van zonden.

Blijf dit doen tot mijn gedachtenis.

 

Als wij dan eten van dit brood en drinken uit deze beker

verkondigen wij de dood van de Heer, totdat Hij komt.

 

Heer onze God,

zo gedenken wij Hem die weet wat lijden is

en de dood heeft gezien -

die Gij hebt opgewekt en naam gegeven hebt

hoog boven alle namen.

Jezus de Heer is Hij, die is en blijven zal,

uw rechterhand -

en tot Hij komt verkondigen wij Hem

door deze levensbeker

en door dit brood dat wordt gedeeld.

 

Wij bidden U : zend dan uw Geest in ons,

die over deze aarde gaat -

en maak ons tot een volk dat recht doet om gerechtigheid;

maak leven en welzijn

toch groter en sterker dan oorlog en dood ;

en laat ons mensen zijn die woningen bouwen

met handen vol vrede voor oud en voor jong ;

breek het geweld in ons en breng ons thuis

uit kracht van Hem, de Mensenzoon

hier in ons midden.

 

Dan zal uw naam geheiligd zijn op aarde,

uw koninkrijk gekomen zijn -

door Hem en met Hem in kracht en in Geest

tot in eeuwigheid.  Amen.

 

 

EUCHARISTISCH HOOGGEBED  15

 

 

Wij danken U

omwille van uw veelgeliefde Zoon

die Gij geroepen en gezonden hebt

om ons te dienen en te verlichten,

om aan armen uw koninkrijk te brengen,

om aan gevangenen verlossing te melden,

om voor ons allen en voorgoed

het evenbeeld te zijn en de gestalte

van uw mildheid en uw trouw.

 

Wij danken U voor deze onvergetelijke mens

die alles heeft volbracht

wat menselijk is, ons leven, onze dood -

wij danken U

dat Hij zich met hart en ziel

gegeven heeft aan deze wereld.

 

Want in de nacht waarin Hij werd overgeleverd,

heeft Hij het brood in zijn handen genomen.

Hij heeft zijn ogen opgeslagen

naar U, God, zijn almachtige Vader,

Hij heeft U dank gezegd,

het brood gebroken

en het aan zijn vrienden uitgedeeld

met de woorden:

neem en eet

dit is mijn Lichaam voor u.

Doe dit tot mijn gedachtenis.

 

Zo nam Hij ook de beker, sprak een dankgebed uit en zei:

deze beker is het Nieuwe Verbond in mijn Bloed,

dat voor u en voor allen wordt vergoten

tot vergeving van zonden.

Telkens als gij deze beker drinkt

zult gij het doen tot mijn gedachtenis.

 

Als wij dan eten van dit brood

en drinken uit deze beker,

verkondigen wij de dood van de Heer

totdat Hij komt.

 

Daarom, Heer onze God,

stellen wij hier dit teken van ons geloof,

en daarom gedenken wij nu

het lijden en sterven van uw Zoon,

zijn opstanding uit de dood,

zijn intocht in uw heerlijkheid;

dat Hij, verheven aan uw rechterhand,

voor ons ten beste spreekt,

en dat Hij komen zal

om recht te doen aan levenden en doden

op de dag die Gij hebt vastgesteld.

 

Zend ons uw Geest

die leven is, gerechtigheid en licht.

O God, die wil het welzijn van de mensen

en niet hun ongeluk, en niet de dood,

neem weg uit ons midden alle geweld

beteugel de drift waarmee wij elkaar naar het leven staan.

Geef vrede op aarde uit kracht van Jezus

uw Zoon in ons midden, dat bidden en smeken wij U.

 

Dan zal uw naam geheiligd zijn,

door Hem, met Hem, in Hem

op aarde overal en hier en nu in eeuwigheid.  Amen.

 

 

EUCHARISTISCH HOOGGEBED  16

 

 

Wat geen oog heeft gezien,

wat geen oor heeft gehoord,

wat in geen mensenhart is opgekomen,

hebt Gij, God,

bereid voor allen die U liefhebben.

Gij hebt U geopenbaard als een God

die er alles voor over heeft

als wij mensen maar tot leven komen.

 

Zoals een moeder haar kind draagt,

zoals een vader opkomt voor z'n zoon,

zo zijt Gij voor ons een trouwe God

die doet wat Gij zegt, die Uw verbond bewaart.

Ook als ons hart ons aanklaagt,

uw hart is groter dan een mensenhart.

Ook als wij worden verscheurd door onze gebrokenheid,

uw barmhartigheid kent geen grens.

 

Biddend en vol eerbied

willen wij gedenken

wat Gij voor ons gedaan hebt

in Jezus Uw Zoon.

Getekend als een slaaf

heeft Hij zichzelf overgeleverd,

werd het brood voor ons gebroken,

een beker die overvloeit van leven,

het lam dat naar de slachtbank geleid,

de zonde van de wereld wegneemt.

 

Die - ten teken van wat hem bezielde -

op de avond voor zijn lijden en dood

het brood nam, de zegenbede sprak,

het brood brak en uitdeelde met de woorden :

Neem en eet hiervan, gij allen,

dit is het lichaam dat voor u gebroken wordt.

Doet dit tot mijn gedachtenis.

 

Zo nam Hij na de maaltijd ook de beker,

zegende het en liet het rondgaan met de woorden :

Neem en drink hieruit,

dit is de beker van het nieuwe verbond,

dit is het bloed

voor u vergoten tot vergeving van de zonden.

Doe dit tot mijn gedachtenis.

 

Daarom, God, gedenken wij zijn lijden en dood

en in Hem, allen die lijden en sterven,

die zijn weg gaan ten einde toe.

En wij roepen zijn Naam,

de Levende, verrezen voor altijd :

Jezus de Heer, de Gezalfde, Uw Dienstknecht.

Wij bidden U :

Zend ons Uw Heilige Geest, adem ons open,

opdat wij ontvankelijk mogen zijn

voor het geheim van iedere mens.

 

Verwarm ons hart,

opdat wij het wonder van ons leven

mogen beschermen voor elkaar.

Besproei ons met de dauw

van Uw mildheid en mededo­gen

opdat wij elkaar van dag tot dag

met nieuwe ogen mogen zien,

opdat wij elkaars tekorten mogen dragen.

 

Maak ons krachtig en sterk

opdat wij wegen mogen zoeken van vrede.

Dat ons hart vol mag zijn van Uw  gerechtigheid

voor allen die leven.

Laat die gezindheid in ons heersen

die was in Hem, Jezus, Uw Zoon,

opdat wij op Hem mogen gelijken in leven en in sterven.

 

Zo willen wij Uw Naam verheerlijken

door Hem, met Hem en in Hem die met U leeft

in de eenheid van de Geest, God van eeuwigheid

tot eeuwigheid.  Amen.

 

 

EUCHARISTISCH HOOGGEBED  17

 

 

Ja Vader, boven alles danken wij U

omwille van Jezus, uw Zoon en onze Heer,

die met ons de weg door het leven gaat.

Wij weten Hem zo menselijk dichtbij,

dat wij Hem onze Broe­der mogen noemen.

Hij spreekt ons aan met mensen­woorden.

Hij heeft ons gezegd en voorgedaan wat leven,

wat liefde en trouw vermogen.

Hij heeft ons laten zien hoe ver de handen reiken

van mensen die geloven in U en in el­kaar.

 

In de nacht voor Zijn lijden en sterven

heeft Hij de zijnen samen­geroepen rond Zijn tafel

en hun een teken gegeven om nooit te vergeten :

 

Hij nam het brood in Zijn handen, sprak een dankgebed,

brak het en deelde het uit met de woorden :

 

Neem en eet, dit is Mijn lichaam,

dat voor u gegeven wordt.

 

Na de maaltijd heeft Hij ook de beker geno­men.

Opnieuw sprak Hij een dankgebed,

en reikte de beker aan Zijn vrienden met de woo­rden :

 

neem deze beker en drink hier allen uit, want

dit is de beker van het nieuwe, altijddurende verbond ;

dit is Mijn bloed, dat voor u en alle mensen

wordt vergoten tot vergeving van de zonden.

Blijf dit doen om Mij te geden­ken.

 

Verkondigen wij het mysterie van het geloof :

 

Heer Jezus, wij verkondigen Uw dood

en wij belijden tot Gij wederkeert,

dat Gij verrezen zijt.

 

Daarom blijven wij Zijn dood en verrijzenis herdenken,

Zijn opgang naar U, die in de hemel is,

en Zijn verheerlijking aan Uw rech­terhand.

Aanvaard daarom dit teken van ons geloof :

Zijn brood, dat leven geeft,

Zijn beker, die ons redt van de dood.

Zend Uw Geest over ons neer.

 

 

Maak nieuwe mensen van ons, die,

naar het voorbeeld van Jezus,

en in verbondenheid met de Kerk,

meer bedacht zijn op dienen dan op gediend te worden,

die liever goed zijn en ver­geving schenken

dan eisen stellen en oor­delen vellen.

Trek Uw hand nooit van ons af,

houd ons allen samen voor altijd

in de liefde van Jezus Chri­stus, Uw Zoon en onze Heer.

Door Hem en met Hem en in Hem

zal Uw naam geprezen zijn, Heer onze God,

almachtige Va­der,

in de eenheid van de Heilige Geest,

hier en nu en tot in de eeuwigheid.

 

 

EUCHARISTISCH HOOGGEBED  18

 

 

In ieder huis staat een tafel, een tafel met stoelen,

een huiselij­ke kring van eten en drinken, geven en nemen,

kans op vrede en geluk.

Ook hier staat een tafel gedekt met brood en wijn,

teken van mensen die eenheid zoeken

verder dan eigen huis en haard.

Teken van mensen die sa­men spreken en bidden,

die elkaar van dienst willen zijn

in woorden van begrip, in werken van vrede.

 

Eens stond er een tafel in de stad

waar Christus zijn laatste uur beleefde,

de tafel van zijn af­scheidsmaal.

Zijn leerlingen als leden van een gezin riep hij aan tafel.

Hij nam het brood en sprak :

 

Neem en eet hiervan, gij allen,

want dit is Mijn lichaam dat voor u gegeven wordt.

 

Na de maaltijd nam hij de beker in zijn handen,

dankte U opnieuw en reikte hem aan zijn leerlingen

en sprak :

 

Neem deze beker en drink hier allen uit,

want dit is de beker van het nieuwe altijddurende ver­bond,

dit is mijn bloed dat voor u en voor allen wordt vergoten

tot verge­ving van de zonden.

Blijf dit doen om mij te geden­ken.

 

Verkondigen wij het mysterie van het geloof :

 

Heer Jezus, wij verkondigen Uw dood,

en wij belijden tot gij wederkeert,

dat Gij verrezen zijt.

 

God, wij willen gelovig erkennen

en dankbaar uitspreken

wat wij hier doen :

wij zijn samen in vriendschap en goedheid,

in lief en leed horen we bij elkaar.

Wij ontvangen Uw gaven en vermoeden Uw nabijheid.

Zo geven wij elkaar wat Gij ons geeft,

vandaag en alle dagen.

 

 

EUCHARISTISCH HOOGGEBED  19

 

Goede Vader, wij geloven dat Gij midden onder ons leeft

en ons altijd nabij zijt.

Wij danken U God, omdat wij mogen openstaan

voor het wonder van de liefde.

Wij danken U voor Uw zegen.

Heer, Uw zoon is het woord geworden.

Hij gaf een teken in brood en wijn

om zeker te zijn dat we het gehoord hadden.

Men probeerde Zijn herinnering te doden,

maar Uw liefde wei­gerde te sterven.

Elke keer dat we nu het brood breken,

herleeft de betekenis van de liefde.

 

Wij bidden U God,

bevestig nu ook Uw verbond van Liefde met ons

en laat Uw veelgeliefde Zoon onder ons aanwezig zijn.

Want in de nacht waarin Hij werd overgeleverd,

nam Hij het brood, sprak daarover het dankgebed uit,

brak het en gaf het aan Zijn leerlingen met de woorden :

 

Neem en eet hiervan gij allen,

want dit is Mijn lichaam dat voor u gegeven wor­dt.

 

Dan nam Hij de beker, sprak opnieuw het dankgebed uit

en reikte hem over aan Zijn leerlingen met de woorden :

 

Neem en drink hiervan gij allen,

want dit is de beker van het nieuwe,

altijd duren­de verbond.

Dit is mijn bloed dat voor u en alle mensen

ver­goten wordt tot vergeving van de zonden.

Blijf dit doen om mij te gedenken.

 

Verkondigen wij het mysterie van ons geloof :

 

Heer Jezus, wij verkondigen Uw dood

en wij belijden tot Gij wederkeert,

dat Gij verrezen zijt.

 

Hier gedenken wij, goede Vader,

de dood en de verrijzenis van Jezus,

de Redder van de we­reld.

Hij heeft zichzelf aan onze handen toevertrouwd

om het offer te zijn dat wij U thans opdragen

en om ons naar U toe te leiden.

Verhoor ons, Heer, onze God,

deel uw Geest van liefde mee aan allen

die aan deze tafel aanzit­ten.

Dat wij ons meer verbonden weten met uw kerk,

met paus Johannes Paulus II, met onze bisschoppen,

en met allen die werken voor uw volk.

Ver­geet niet hen van wie wij houden,

en evenmin degenen van wie we niet genoeg houden.

Herin­ner U allen die gestorven zijn

en ontvang hen met liefde in uw huis.

 

Almachtige Vader, wij smeken U :

bewaar ons in uw eeuwige liefde.

Open onze ogen voor de nood in de wereld,

breng alle volke­ren en standen bijeen

in Uw koninkrijk.

Dan zal er vreugde zijn op aarde,

vrijheid en vrede in Jezus' naam.

 

Breng ons bij U samen met de Maagd Mari­a,

Moeder van God en onze Moeder,

als de dag gekomen is voor het grote feest

in het Koninkrijk der hemelen.

Dan zullen allen die vriend van Jezus zijn,

U toezinge­n en blijven toezingen.

 

Door Hem en met Hem en in Hem

zal Uw Naam geprezen zijn,

Heer, onze God, Almachtige Vader,

in de eenheid van de Heilige Geest,

hier en nu tot in de eeu­wigheid.  Amen

 

 

EUCHARISTISCH HOOGGEBED  20

 

 

Almachtige God,

midden in ons leven

staat de Blijde Bood­schap van Uw Zoon.

In Hem herkennen we iets

van het wonderbaar mys­terie van onze liefde.

Weldoende ging Hij rond,

schonk vertrouwen aan de mens,

geloofde in zijn mogelijkhe­den

en sprak woorden van waarde­ring en troost.

Samen willen wij voortaan Zijn boodschap beleven :

in de tekenen van een handdruk, een zoen,

rond de tafel waar wij ons dage­lijks brood breken

en wijn drinken uit vreugde.

 

Wanneer Hij op de avond voor Zijn lijden

met zijn vrienden bijeen was,

nam Hij het brood in Zijn handen,

keerde zich tot U, God, zegen­de het brood,

brak het en gaf het aan ieder van hen, en zei :

 

" Neem en eet hiervan, dit is Mijn lichaam,

dit ben ik, brood dat gegeven en gebroken wordt. "

 

Eveneens nam Hij de beker met wijn in Zijn handen,

keerde zich tot U, God, Zijn Vader, en dankte U voor alles.

Hij zegende de be­ker, deelde hem rond en zei :

 

" Neem en drink hieruit, gij allen,

want dit is Mijn bloed dat voor U

en voor alle mensen wordt vergoten

tot vergeving van de zonden.

Blijf dit doen om Mij te gedenken. "

 

Heer Jezus, wij verkondigen Uw dood,

en wij belijden tot Gij wederkee­rt,

tot Gij ver­rezen zijt.

 

Heer, onze God, wees Gij ons nabij in Uw Zoon

en laat ons delen in Zijn leven.

Dat onze handen verzoening mogen brengen,

ons huis een thuis mag zijn.

 

Dankbaarheid om dit bestaan,

vertrouwen in de toekomst

zetten ons op weg.

Uw naam zal gekend zijn

en uitgesproken worden door ons,

naar het voorbeeld van Uw Zoon,

die van U gehouden heeft al de dagen van Zijn leven.

 

 

EUCHARISTISCH HOOGGEBED  21

 

 

Heer onze God,

wij danken U dat wij leven,

dat wij door deze wereld gaan,

en van dag tot dag onze weg mogen zoeken.

Wij danken U voor de dynamiek

die U in ons bestaan hebt gelegd

en die ons steeds weer verder doet gaan.

 

Er is soms onzekerheid, Heer,

over de richting die wij moeten kiezen :

vaak aarzelen wij

en vaak moeten wij achteraf bekennen

dat wij de verkeerde weg hebben gekozen.

Wij danken U

omdat U ons gebrek aan richtinggevoel kent

en zo op bijzondere wijze de weg wilt wijzen.

 

Wij danken U voor Uw Zoon Jezus Christus.

Hij werd mens als wij,

leefde tussen andere mensen,

kende dezelfde problemen.

Maar vastberaden is Hij op weg gegaan naar Jeruzalem.

Hij heeft geleefd, geleden, gegeven.

Hij heeft waargemaakt wat wij

in onze beste ogenblikken als ideaal zien.

Hij kon voorzien wat Hem te wachten stond,

maar niets kon Hem afbrengen van Zijn weg.

Zo heeft Hij geleefd,

zo heeft Hij de dood aanvaard.

 

Op de avond voor Zijn lijden

nam Hij brood in Zijn handen.

Hij sprak de zegenbede uit, brak het

en deelde het rond onder Zijn leerlingen en zei :

 

Neem en eet hiervan, gij allen,

want dit is Mijn lichaam

dat voor u gegeven wordt.

 

Zo nam Hij ook de beker wijn

en sprak opnieuw het dankgebed.

Hij gaf hem aan Zijn leerlingen en sprak :

 

Neem deze beker en drink hier allen uit

want dit is de beker

van het nieuwe, altijddurende verbond ;

dit is Mijn bloed

dat voor u en voor alle mensen wordt vergoten

tot vergeving van de zonden.

Blijf dit doen om Mij te gedenken.

 

Verkondigen wij dit mysterie van ons geloof

 

Heer Jezus, wij verkondigen Uw dood

en wij belijden tot Gij wederkeert

dat Gij verrezen zijt.

 

Daarom Heer, herdenken wij Uw Zoon Jezus Christus :

hoe zijn levensweg leek te eindigen in de dood ;

maar, hoe Hij door de dood ging

zoals het Joodse volk door de zee,

om verder te leven bij U, bij ons.

 

Wij vragen U :

dat wij Hem onderweg mogen herkennen

overal waar brood gebroken wordt,

overal waar leven gegeven wordt,

overal waar mensen werkelijk goed zijn.

 

Laat Hij ons voorgaan onderweg

en ons verzamelen als een nieuw volk Gods.

Laat Zijn geest ons bezielen zodat wij vastberaden

verder gaan op onze weg naar het einde,

het einde waarvan wij geloven dat alles goed zal zijn,

vrede en vreugde, liefde en begrip,

alles wat wij nog niet bereikt hebben.

 

Dat vragen wij U door Jezus Christus, Uw Zoon,

die door de dood is heengegaan

en nu met U en de heilige Geest

leeft in eeuwigheid.  Amen.

 

 

EUCHARISTISCH HOOGGEBED  22

 

 

Een gedekte tafel met licht en brood en wijn.

Heer onze God, wij danken U voor deze gaven.

Gij hebt hoop gegeven waar alles donker was ;

Gij hebt moed gegeven

waar de mensen verdriet en zorgen hadden.

Gij hebt uitzicht gegeven

waar de mensen geen uit­komst meer zagen.

Tot het uiterste zijt Gij gegaan :

liefde, altijd maar liefde, tot in het sterven toe van Jezus, uw zoon.

 

 

U willen wij volgen :

goed zijn voor allen die wij ontmoeten

thuis en op school ;

licht zijn voor allen die wij ontmoeten,

voor groten en kleinen.

 

En daarom willen wij U vragen :

blijf bij ons,

ook op de donkere momenten van ons leven,

blijf bij ons wanneer wij verdriet hebben,

blijf bij ons wanneer wij tegenslag hebben,

blijf bij ons wanneer wij ziek zijn.

Dan zullen wij weten

dat het licht sterker is dan de duisternis.

 

Blijf bij ons in deze tekenen van licht en leven,

in dit brood en deze wijn,

die uw zoon Jezus in handen heeft genomen.

 

Want in de nacht dat de mensen Hem in de steek lieten,

nam Hij het brood in zijn handen. 

Hij keek omhoog, naar U, God, zijn almachtige Vader,

Hij bedankte U, brak het brood en deelde het uit

aan zijn vrienden met de woorden :

Neem en eet, dit is mijn Lichaam voor u.

 

Zo nam Hij ook de beker in zijn handen.

Hij bedankte U opnieuw,

gaf hem aan zijn vrienden en zei :

 

Drink allen hieruit.

Dit is de beker met mijn Bloed

een nieuw en eeuwig verbond

dat voor U en voor velen vergoten wordt

om de zonden te vergeven.

Doe dit ook zo, om aan Mij te denken.

 

Heer Jezus, wij verkondigen Uw dood

en wij belijden tot Gij wederkeert

dat Gij verrezen zijt.

 

Daarom Vader, denken wij nu weer aan Jezus,

hoe Hij werd geboren, hoe Hij bij ons leefde,

hoe Hij heeft geleden en gestorven is.

Wij denken er weer aan

hoe Hij verrezen is op de derde dag

en terugkwam bij U, hemelse Vader.

En dat Hij bij ons leeft om ons te helpen.

 

Hij is U trouw gebleven.

Hij heeft tot het einde toe uw wil gedaan.

Omwille van zijn toewijding

hebt U ons allen weer in liefde aangenomen.

Laat ons allen die eten van dit heilig Brood,

steeds meer gaan gelijken op Hem,

zodat wij steeds meer uw kinderen zullen zijn.

 

Door Jezus, en met Hem,

en in Hem danken en prijzen wij U, God,

almachtige Vader,

vandaag en alle dagen tot in eeuwigheid.  Amen.

 

 

EUCHARISTISCH HOOGGEBED  23Laat ons nooit vergeten

 

 

Laat ons nooit vergeten, almachtige Vader,

dat onze verlosser Jezus Christus

de Heer is,

dat Hij zijn gelijkheid met U heeft losgelaten

en mens is geworden

die Emmanuël genoemd wordt,

dat is : God-met-ons.

 

Laat ons nooit vergeten

dat Hij de wereld heeft gezien met onze ogen,

dat Hij onze woorden gesproken heeft,

dat Hij onze tranen geweend heeft,

dat Hij onze vreugde en onze nood heeft gekend,

dat Hij het werk van een mens heeft verricht

en dat Hij ons brood gegeten heeft.

 

Laat ons nooit vergeten dat Hij de Mensenzoon is,

die menselijker was dan ooit een mens geweest is,

die meer heeft geloofd in de mens,

die heeft gehoopt en bemind,

meer dan wij ooit kunnen.

Laat ons nooit vergeten dat ons geloof,

dwars door alle leed,

dat onze hoop over de dood heen,

dat onze liefde tegen alle machten in,

ons doen gelijken op Hem

die Gods gelijke genoemd mocht worden.

 

Laat ons nooit vergeten dat Hij, zoals wij,

weerloos heeft moeten buigen

voor het geweld van de macht.

Laat ons nooit vergeten dat de machtigen

Hem geslagen hebben tot de dood toe

omdat Hij leerde dat Gij zijn Vader zijt,

dat wij gered worden door ons geloof in U,

dat onze hoop op U nooit wordt teleurgesteld,

dat Uw liefde geen grenzen kent

en dat alleen de armen en de kleinen

door die boodschap blij kunnen worden.

 

Laat ons vooral nooit vergeten

dat Hij op de vooravond van dat lijden en die dood

in het breken van het brood

en het rondreiken van de beker

het teken heeft gesteld

dat ons in Zijn naam en Zijn liefde samenbrengt.

 

Want op die avond heeft Hij het brood in Zijn handen

genomen, Hij heeft Zijn ogen opgeslagen naar U,

Zijn almachtige Vader, Hij heeft U dank gezegd,

het brood gebroken en aan Zijn leerlingen uitgedeeld

met de woorden :

 

Neem en eet, dit is Mijn lichaam voor u.

Doe dit tot Mijn gedachtenis.

 

Zo nam Hij ook de beker, sprak een dankgebed uit

en deelde hem met Zijn vrienden.  Hij zei :

 

Deze beker is het nieuw verbond in Mijn bloed

dat voor u en voor allen wordt vergoten

tot vergeving van de zonden.

Telkens als gij deze beker drinkt

zult gij het doen tot Mijn gedachtenis.

 

Heer Jezus, wij verkondigen Uw dood

en wij belijden tot Gij wederkeert

dat Gij verrezen zijt.

 

Zo zijn wij hier bijeen in Zijn naam,

omdat wij mensen willen worden als Hij,

mensen die geloven in elkaar en vertrouwen op U,

die hopen dat Gij uw belofte van een gelukkig leven

zonder einde waar zult maken aan ieder van ons

en aan alle mensen van wie Gij houdt

en van wie wij houden.

 

Wij zullen het brood breken en wij zullen het eten,

wij zullen de beker rondreiken

en drinken in Zijn naam

om Zijn gedachtenis levend te houden

en om niet te vergeten dat Hij de armen,

de treurenden, de zachtmoedigen,

de hongerigen, de barmhartigen, de zuiveren,

de vredelievenden, de vervolgden

en al wie hulp nodig heeft,

zalig heeft genoemd.

 

Geef ons dus die geest van deemoed en liefde,

dan zullen wij gelukkig en blij worden,

dan zullen wij U dankbaar huldigen

door Christus Jezus, met Hem en in Hem,

hier in deze bijeenkomst en overal

in de tijd en in de eeuwigheid.  Amen.

 

 

 

EUCHARISTISCH HOOGGEBED  24J.van OPBERGEN

 

 

 

Geen andere zekerheid is ons gegeven,

Heer God,

dan onderweg te zijn,

op zoek naar U,

die wenkt en roept

in de diepte

van al wat leeft,

en in de verte

van onze toekomst.

 

Eeuwig heimwee naar U

drijft ons voort

en maakt ons tot een zwervend volk,

dat woont in huizen

van voorlopigheid.

En als wij ons vestigen

-metterwoon-

in de zelfgenoegzaamheid

van onze kleine idealen,

dan roept U ons weer weg

uit die kleine vrede met onszelf,

en laat profeten zeggen

dat wij op moeten breken.

 

Tot mensen,

afgedwaald op zijwegen en kronkelpaden,

komt telkens weer het woord

van die grootste der profeten,

het woord van Jezus, uw Zoon :

Ik ben de Weg, de Waarheid en het Leven.

 

Zijn weg was :

onbaatzuchtigheid en zelfvergeten liefde.

De weg van wie zichzelf zoekt, loopt altijd dood ;

alleen de weg van wie de ander zoekt,

raakt nooit ten einde

en is de eigen weg van God.

 

" Ik geef u een teken", sprak Hij,

" een heilig teken om nooit te vergeten

wat Ik u heb willen zeggen ".

Toen nam Hij brood, sprak de dankzegging en zei :

" Neem en eet, dit is mijn Lichaam

voor u gebroken ".

 

Daarna nam Hij de kelk,

dankte U opnieuw en zei :

" Dit is mijn bloed, voor u vergoten,

drink hiervan tot vergeving van zonden ".

 

Wij bidden u, Heer God, stuur ons op weg

in de geest van deze mens, uw Zoon.

 

Dat wij nieuwe wegen van goedheid banen,

paden van gerechtigheid en onderlinge vrede.

Dat wij haastig het puin opruimen,

die trieste resultaten van onze machtswellust,

en dat wij het leven opnieuw begaanbaar maken.

Dat er profeten onder ons zijn,

vrouwen en mannen van God,

die de vlam van het brandend braambos

als een licht in de wereld uitdragen.

Dat is onze hoop, zo klinkt ons gebed.

En laat ons nu, in dit huis van even bidden

langs de kant, het voedsel nemen, brood en wijn,

om opnieuw gesterkt door Jezus' geest

het reizen voort te zetten !

 

Door Jezus, en met Hem ...

 

 

 

 

EUCHARISTISCH HOOGGEBED  25

 

 

 

Wij hebben U nooit gezien, God

maar U bent niet ver

want mensen komen elkaar steeds weer tegen

en trekken samen op :

daarvoor willen wij U prijzen en danken.

 

U hebt geen naam God, geen mond en geen voeten,

maar mensen omhelzen elkaar, ze noemen U 'liefste',

en U wordt reisgenoot,

voeten op onze weg, hand in de onze gelegd,

arm om ons heen geslagen,

huis en geliefde, bloeiende boom,

vruchtbare schoot, stad van de vrede :

genade op genade !

 

Wij hebben u nooit gezien, God

maar U bent niet ver,

want er is maar één weg en wij komen U tegen,

op het kruispunt waar mensen elkaar beminnen,

genade zijn voor elkaar en de wereld dienen.

Daarvoor willen wij U danken !

 

U bent niet ver, God,

want er is geen heil in mensen alleen,

in eenzaam bezit, in macht zonder dienstbaarheid.

U bent niet ver, God,

want U geneest en geeft overvloed van leven,

overal waar mensen worden gegeven aan mensen ...

 

Wij hebben U nooit gezien, God,

maar U geeft Uzelf aan ons

in een medemens, in een geliefde,

in een reisgezel, in Jezus, de knecht van de wereld.

En daarvoor kunnen wij U nooit genoeg danken !

Hij is onze medemens geworden helemaal,

en is ons voorgegaan in leven en in sterven.

 

De avond voor zijn lijden en dood

zat Hij met zijn vrienden aan tafel.

Hij heeft het brood in zijn handen genomen,

en zijn ogen opgeslagen naar U God,

zijn almachtige Vader, de zegen uitgesproken,

het brood gebroken en aan zijn leerlingen

gegeven met de woorden :

 

Neem en eet hiervan gij allen

want dit is Mijn Lichaam dat voor u gegeven wordt.

 

Zo nam Hij ook, toen ze gegeten hadden,

de beker in Zijn handen,

Hij sprak de zegen en het dankgebed,

reikte hem over aan zijn leerlingen en zei :

 

Neem deze beker en drink hier allen uit

want dit is de beker

van het nieuwe altijddurende verbond ;

dit is Mijn Bloed dat voor u en alle mensen

wordt vergoten tot vergeving van de zonden.

Blijft dit doen om Mij te gedenken.

 

Heer Jezus, wij verkondigen Uw dood

en wij belijden tot Gij wederkeert

dat Gij verrezen zijt.

God, laat deze gezindheid van Jezus ons allen bezielen,

wij die voortaan wijn en brood willen zijn

voor elkaar en voor velen

opdat Uw rijk kome in deze wereld

en opdat Uw wil van vrede en gerechtigheid

overal geschiede.

 

Door, met en in Christus

zal Uw naam geprezen zijn,

Heer onze God, almachtige Vader,

in de eenheid van de Heilige Geest,

hier en nu en tot in eeuwigheid.  Amen.

 

 

EUCHARISTISCH HOOGGEBED  26

 

 

Geprezen zij Uw naam,

die Gij ons geopenbaard hebt

in Jezus, Uw Zoon, God met ons,

teken van Uw liefde.

Omwille van Uw gerechtigheid

is Hij de weg gegaan van iedere mens.

Opdat wij zouden delen in Zijn vreugde,

heeft Hij het lot gedeeld van de armen,

werd Hij brood voor ons gebroken,

een beker die overvloeit.

 

Op de avond voor Zijn lijden en dood

heeft Hij brood in Zijn handen genomen,

Zijn ogen opgeslagen naar U,

God, Zijn almachtige Vader,

de zegen uitgesproken, het brood gebroken,

en aan Zijn leerlingen gegeven met de woorden :

 

Neem en eet hiervan Gij allen,

want dit is Mijn lichaam,

dat voor u gegeven wordt.

 

Zo naam Hij ook, toen zij gegeten hadden,

de beker in Zijn handen,

Hij sprak de zegen en het dankgebed,

reikte hem over aan Zijn leerlingen en zei :

 

Neem deze beker en drink hier allen uit, want dit is de beker

van het nieuwe, altijddurende verbond;

dit is Mijn bloed

dat voor u en alle mensen wordt vergoten

tot vergeving van de zonden.

Blijf dit doen om Mij te gedenken.

 

Daarom, Heer God,

verkondigen wij Zijn dood

totdat Hij komt,

daarom bezingen wij Zijn verrijzenis

en wij noemen Zijn naam,

hoog boven alle namen :

Jezus Christus, Uw Zoon, onze Heer.

 

En wij belijden, Heer God,

dat wij telkens opnieuw

in Zijn naam bijeengebracht worden

opdat wij doen

wat Hij ons heeft voorgedaan.

 

Wij bidden U :

zend ons Uw Heilige Geest,

roep ons tot leven

en maak ons vrij.

 

Laat die gezindheid in ons heersen

die was in Hem, Jezus Uw Zoon,

opdat wij op Hem mogen gelijken

in leven en in sterven.

 

Dit vragen wij U,

door Hem en met Hem en in Hem

die ons naar U is voorgegaan

en die met U leeft

in de eenheid van de Geest

vandaag en alle dagen

tot in eeuwigheid.  Amen.

 

 

EUCHARISTISCH HOOGGEBED  27

 

 

Uw liefde - hoop voor ons -

Uw trouw - onze zekerheid -

Gij hebt ze ons laten zien in Jezus, Uw Zoon.

Tot het uiterste heeft Hij zich gegeven,

om niets te zijn dan U, God-met-ons.

Heel Zijn leven was een woord over U.

Heel Zijn leven was een leven van U.

 

Op de avond voor Zijn lijden en dood

heeft Hij brood in Zijn handen genomen,

Zijn ogen opgeslagen

naar U, God, Zijn almachtige Vader,

de zegen uitgesproken, het brood gebroken,

en aan Zijn leerlingen gegeven met de woorden :

 

Neem en eet hiervan, gij allen,

want dit is Mijn lichaam,

dat voor u gegeven wordt.

 

Zo nam Hij ook, toen zij gegeten hadden,

de beker in Zijn handen,

Hij sprak de zegen en het dankgebed,

reikte hem over aan Zijn leerlingen en zei :

 

Neem deze beker

van het nieuwe, altijddurende verbond ;

dit is Mijn bloed

dat voor u en alle mensen wordt vergoten

tot vergeving van de zonden.

Blijf dit doen om mij te gedenken.

 

Verkondigen wij het mysterie van het geloof.

 

Heer Jezus, wij verkondigen ...

 

Wij danken U, God,

dat Gij U zo te kennen geeft,

en dat Jezus - in de dood -

nieuw leven heeft ontvangen,

nieuw leven in Uw Geest.

 

Schenk ons Uw Geest, God,

zodat de wonderen die Gij hebt gedaan,

ook vandaag nog mogelijk zijn,

dat zieke mensen weer opstaan,

armen niet ongelukkig zijn,

blinden weer oog krijgen

voor dingen en mensen.

 

Geef het, God,

dat het kan,

door handen en voeten van mensen,

ook door die van ons,

door het hart van mensen,

die bezorgd zijn om Uw Rijk.

 

Zo kunnen wij Uw Kerk gestalte geven,

mensen die Gij ziet,

en die U mogen zien,

die Uw gelaat mogen herkennen in deze wereld,

in mensen die leven voor elkaar,

in liefde en hoop,

in geloof en trouw.

 

Laat het ons gebeuren, God,

en dank dat het gebeurt.

Daarom brengen wij U dank en hulde,

U die met ons zijt en leeft in Jezus,

en in de Geest van heil.  Amen.

 

 

EUCHARISTISCH HOOGGEBED  28

 

 

Goede Vader,

scheppende en oneindig heilige God,

in de persoon van Jezus Christus

hebt Gij ons Uw Wijsheid en Uw Macht,

Uw Kracht en Uw Liefde geopenbaard.

 

Vandaag brengt Gij ons bijeen

om ten overstaan van mensen

de stralende schoonheid van Uw Heil,

de kracht van Uw Licht

en de heerlijkheid van Uw Naam

gestalte te geven.

Wij bidden U, Heer,

zend ons Uw Geest,

opdat Hij kan heiligen

wat wij U aanbieden van ons leven,

van ons innerlijk en van onze liefde.

 

Om ons opnieuw één te maken heeft Hij,

op de avond voor Zijn lijden en dood,

brood in Zijn handen genomen,

Zijn ogen opgeslagen naar U, God, Zijn almachtige Vader,

de zegen uitgesproken, het brood gebroken,

en het aan Zijn leerlingen gegeven met de woorden :

 

Neem en eet hiervan, gij allen,

want dit is Mijn lichaam,

dat voor u gegeven wordt.

 

Zo nam Hij ook, toen zij gegeten hadden,

de beker in Zijn handen,

Hij sprak de zegen en het dankgebed,

reikte hem over aan Zijn leerlingen en zei :

 

Neem deze beker

van het nieuwe, altijddurende verbond ;

dit is Mijn bloed

dat voor u en alle mensen wordt vergoten

tot vergeving van de zonden.

Blijf dit doen om mij te gedenken.

 

Als wij terugdenken aan de dood

en de glorievolle verrijzenis van Uw Zoon,

Heer, onze God, dan geloven wij

dat Hij gekomen is in ons vlees en ons bloed

om ons het nieuwe leven te brengen,

en ons hoop te geven

op Uw komst in ons midden.

 

Machtige God, moge Uw Geest

onze harten openen voor Uw Liefde ;

moge Hij ons, als één volk,

bekend maken met Uw Wijsheid.

Moge Hij onze eenheid in Jezus Christus herstellen,

ons inwijden in Uw denken,

en ons Uw Liefde leren kennen.

 

Bezield door de adem van Uw geest

bevestigen wij onze verbondenheid met heel de Kerk,

zoals zij zich over de wereld heeft verspreid.

Wij bidden U voor onze paus (N.),

voor onze bisschop (N.),

woordvoerders van onze eenheid

met alle mensen die zich bekennen tot het geloof

in Jezus Christus, Uw Zoon.

 

Heer, zie neer op ons,

zoals wij hier bij elkaar zijn.

Geef dat deze gemeenschap in stand gehouden wordt ;

dat de eenheid van Uw Liefde

in ieder van ons werkelijkheid wordt,

ondanks onze zwakheid,

door Jezus Christus, Uw Zoon en onze Heer.

 

Door Hem verkondigen wij Uw lof,

rond Hem verzameld,

verenigd in  Zijn liefde ;

door de adem van Zijn Geest

blijven wij Uw heerlijkheid verkondigen

tot in alle eeuwen.  Amen.

 

 

EUCHARISTISCH HOOGGEBED  29

 

 

Ja waarlijk, Jezus Christus ging Uw weg,

langsheen het onbegrip van Zijn familie,

de ontrouw van Zijn leerlingen,

de smart van Zijn moeder ;

tranen en angst vulden Zijn laatste uren

en met een schreeuw van onzekerheid is Hij gestorven.

Toch ging Hij de weg naar U

met overgave en vol vertrouwen.

 

De avond voor Zijn lijden en dood

heeft Hij het brood in Zijn handen genomen,

Zijn ogen opgeslagen naar U, God,

Zijn almachtige Vader,

de zegen uitgesproken, het brood gebroken

en aan Zijn leerlingen gegeven met de woorden :

 

Neem en eet hiervan, gij allen,

want dit is Mijn lichaam

dat voor u gegeven wordt.

 

Zo nam Hij ook, toen zij gegeten hadden,

de beker in Zijn handen,

Hij sprak de zegen en het dankgebed,

reikte hem over aan Zijn leerlingen en zei :

 

Neem deze beker en drink hier allen uit,

want dit is de beker

van het nieuwe, altijddurende verbond ;

dit is Mijn bloed

dat voor U en alle mensen wordt vergoten

tot vergeving van de zonden.

Blijf dit doen om Mij te gedenken.

 

Verkondigen wij het mysterie van ons geloof.

 

Heer Jezus, wij verkondigen ...

 

Wij zijn daarom hier bijeen

rond woord en brood van de Heer

en wij gedenken Zijn leven,

de verlatenheid van Zijn dood,

maar vooral Zijn trouw over alles heen.

 

Dit doet ons bidden om Zijn Geest :

dat Hij komen mag over deze gaven om ze te heiligen.

En als wij delen in Zijn gaven

laat dan Zijn Kerk ook delen in Zijn Geest :

zegen onze paus (N.), onze bisschop (N.)

en al Uw getrouwen in het geloof,

met Uw liefde en vrede.

 

Laat ook ons, Uw gemeenschap

hier in geloof bijeen,

delen in de gaven van Uw geest :

geef vaste grond onder onze voeten,

licht aan onze ogen,

trouw in onze handen,

geborgenheid in onze vriendschap

en vooral smaak in U, God ;

laat onze durf groot genoeg zijn

om te gaan tegen de wind, bergop,

om blijvend de weg van Jezus te gaan.

 

Door Hem en met Hem en in Hem

zal Uw Naam blijvend geprezen zijn

vandaag en tot in eeuwigheid.  Amen.

 

 

EUCHARISTISCH HOOGGEBED  30

 

 

Gij komt bevrijden, allerhoogste God,

Gij zijt gekomen, Christus de Heer.

Wij danken U omwille van Hem

die is uw redding, beeld en gestalte

van uw menslievendheid, één van ons bloed,

uit de mensen genomen, Jezus van Nazareth,

Man van genade, licht van uw licht.

 

Wij danken U omwille van Hem

die in de wereld zijn weg is gegaan,

die blinden geneest en doden ten leven wekt ;

die wat Hij doen kon heeft gedaan voor al uw mensen,

die in de nacht,

de laatste van zijn leven,

een teken van liefde heeft gesteld.

 

Hij heeft het brood in zijn handen genomen

en zijn ogen opgeslagen

naar U, God, zijn almachtige Vader,

Hij heeft U dankgezegd,

het brood gebroken

en het aan zijn vrienden uitgedeeld met de woorden :

 

" Neemt en eet hiervan,

dit is mijn lichaam voor u.

Doe dit tot mijn gedachtenis. "

 

Zo nam hij ook de beker,

sprak een dankgebed uit en zei :

 

" Deze beker is het nieuwe verbond in mijn bloed,

dat voor u allen wordt vergoten

tot vergeving van zonden.

Telkens als Gij deze beker drinkt

zult Gij het doen tot mijn gedachtenis. "

 

Als wij dan eten van dit brood

en drinken uit deze beker

verkondigen wij de dood des Heren

totdat Hij komt.

 

Daarom stellen wij hier dit teken van ons geloof,

Heer onze God.

Daarom zal Uw kerk op aarde die naam hooghou­den :

Jezus gekruisigd en begraven,

Jezus opgestaan uit de dood,

Hij, Uw zoon en Heer van allen,

die komen zal om recht te doen aan deze wereld,

doden en levenden.

 

Zend Uw geest, God in ons midden,

vriendschap en waarheid, leven in overvloed.

Maak ons vrij van angst en verbittering,

vrij voor ieder die onze naaste is ;

dat onze handen de vrede opbouwen,

huizen van vrede voor onze kinderen ;

verhaast de tijd en vestig uw toekomst,

de nieuwe schepping waar Gij ons licht zijt,

alles in allen.

 

Dan zal Uw Naam op aarde geheiligd zijn,

door Jezus Christus, met Hem en in Hem,

tot in alle eeuwigheid.  Amen.

 

 

EUCHARISTISCH HOOGGEBED  31

 

 

God, onze Vader

wij zitten hier samen

om U te danken.

Wij hebben vandaag geweldig gespeeld,

wij hebben muurtjes afgebroken,

wij hebben getracht vrienden te zijn voor elkaar.

Alles wat wij vandaag hebben gedaan :

ons spel, de diensten, onze tekeningen en toneeltjes,

dat hebben we gedaan dank zij U.

Want Gij zijt het begin van het leven,

Gij geeft het leven door langs vader en moeder.

 

Ook Jezus heeft ons geleerd

"muurtjes af te breken",

Hij leefde nooit alleen.

Altijd waren er andere mensen bij Hem,

armen en zieken,

eenzame en eenvoudige mensen,

ook mensen die de anderen slecht vinden,

iedereen mocht binnenkomen bij Hem,

Hij bouwde geen muren,

maar zijn deur stond altijd open,

alle mensen waren zijn buren.

 

 

Daarom komen we hier samen,

rond brood en wijn, het dagelijks voedsel.

Om U te danken voor al die dingen:

onze handen en voeten, onze lach en onze stem,

onze ogen en onze mond, om elkaar gelukkig te maken.

 

Wij danken U ook voor de vriendschap

en de liefde van alle mensen

hier en overal.

Wij zijn allemaal samen onderweg

naar Uw geluk en Uw vrede.

Nu bidden wij U, Heer

zend Uw heilige Geest

om dit brood en deze wijn te heiligen

zodat het voor ons het Lichaam en het Bloed wordt

van Jezus Christus.

Want we zijn hier samen

om het feest te vieren zoals in die nacht,

toen Jezus Zijn leven heeft gegeven voor de mensen :

Hij heeft het brood genomen

en aan Zijn vrienden uitgedeeld en gezegd :

 

Neem dit brood, want dit is Mijn lichaam.

Eet van dit brood, want Ik wil altijd bij jullie blijven.

 

Dan heeft Hij de beker doorgegeven

aan al Zijn vrienden en ge­zegd :

 

Neem deze beker,

want dit is de beker met Mijn bloed,

voor een nieuwe vriendschap tussen God en de mensen.

Om alle fouten te vergeven en te vergeten.

En als jullie dit doen, doe het dan om aan Mij te denken.

 

Heer Jezus, wij verkondigen uw dood

en wij belijden tot Gij wederkeert

dat Gij verrezen zijt.

 

God, onze Vader,

wij doen samen wat Jezus gedaan heeft

om elkaar gelukkig te maken,

en alle muren af te breken.

Geef ons nu een beetje van Uw Geest

om ons en alle mensen bij elkaar te brengen.

 

Wij bouwen aan een wereld zonder muren,

waar de deur altijd open staat,

en alle mensen buren zijn ;

want dat is Uw rijk van vrede en vreugde

dat Jezus aan ons geeft.

 

 

EUCHARISTISCH HOOGGEBED  32

 

 

Heer, dank en bewondering willen wij uitdrukken

voor het leven van Jezus van Nazareth.

Want waar Hij was, gebeurde steeds het wonder,

herkreeg het leven klank en kleur,

werd alles fris en nieuw.

Nieuw voor zijn leerlingen en vrienden.

Nieuw voor een zwakke vrouw

en voor de weduwe in paniek.

Nieuw voor hen die arm waren

ziek of uitgestoten uit de maatschappij.

Waar Hij verscheen was er weer wijn in overvloed

en gebroken brood voor iedereen.

Hoog was echter de prijs

die Hij zelf betalen moest:

druppels zweet, bloed en tranen, eenzame nachten.

Armer dan de armsten had Hij geen steen, geen huis,

zelfs geen vriend om met Hem te waken

in het uur van hoogste nood.

Niets was nog het zijne.

Zelfs zijn kleren werden verloot

in die eenzame avond voor zijn dood.

 

Om iets te kunnen doen

van wat Hij heeft voorgedaan

herhalen wij nu het opperste gebaar van liefde

dat Hij aan zijn vrienden gaf voordat Hij sterven zou.

Want Hij wist hoe ze zouden schrikken en beven,

hoe ze steeds weer zouden twijfelen.

Daarom nam Hij het brood dat op tafel lag,

verdeelde het en sprak :

 

Neem, dit is mijn Lichaam

dat voor u en alle mensen wordt overgeleverd.

 

Daarom nam Hij ook een beker met wijn,

bood hem zijn vrienden aan en zei:

 

Drink hier allen van, want dit is mijn Bloed

dat voor u en voor allen zal vergoten worden

tot vergeving van zonden.

Doe dit telkens weer om Mij te gedenken.

 

Heer Jezus, wij verkondigen Uw dood

en wij belijden tot Gij wederkeert

dat Gij verrezen zijt.

 

Dezelfde avond en de volgende dag

is Hij stil zijn kruisweg gegaan.

Geweldloos, zonder zich te verzetten,

ging Hij ten onder.

Maar toen Hij stierf herkregen de dingen hun waarde

en de mensen, zij wisten het niet.

Want door weerloos de dood in te gaan

heeft Hij de tijd overwonnen

en het kwaad

en de droom van dit korte bestaan.

 

Zijn Geest leeft verder

in de ouders die leven voor hun kinde­ren,

in de jeugd die ijvert voor een beter toekomst,

in al die ontelbaren die opgekomen zijn

voor het recht van minderbedeelden ;

in allen die zonder het te weten de weg gaan

die Hij is ge­gaan.

Hij de mens voor de anderen,

gedragen door de liefde van de Vader.

En daarom is in Hem alle heil te verwachten

en komt door Hem het geluk dat standhoudt

in de eeuwen der eeuwen. Amen.

 

 

EUCHARISTISCH HOOGGEBED   33

 

 

Wij danken U, Vader,

voor wat Jezus onder ons deed :

Hij bezat geen steen om zijn hoofd op te leggen,

maar Hij had alles over voor anderen.

Hij heeft gevast en gebeden,

en altijd stond Hij klaar voor mensen

die zijn hulp nodig hadden.

Zieken heeft Hij genezen,

verlaten mensen bezocht

en bedroefden getroost.

Toch is Hij door zijn eigen volk verstoten

en als een lam naar de slachtbank geleid.

Zo is Hijzelf het nieuwe paaslam geworden,

dat voor ons werd geslacht.

 

Toen het paasfeest op handen was,

kwam zijn uur.

Hij had altijd van zijn vrienden gehouden,

nu gaf Hij hun een bewijs

van zijn liefde tot het uiterste toe.

Hij nam brood in zijn heilige handen,

Hij sloeg zijn ogen op naar U, God,

zijn almachtige Vader.

Hij dankte U,

brak het brood

en gaf het aan zijn vrienden

met de woorden :

 

Neem dit brood en eet er allen van,

want dit is Mijn Lichaam,

dat voor u wordt gebroken.

 

Zo, aan het einde van het paasmaal,

nam Hij ook de beker

en gaf die aan zijn vrienden met de woorden :

 

Neem deze beker en drink er allen uit,

want dit is de beker met Mijn Bloed,

Het Bloed van een nieuw en een eeuwig verbond,

dat voor u en alle mensen vergoten wordt

tot vergeving van zonden.

Telkens als gij deze maaltijd houdt,

doe het dan om aan Mij te denken.

 

Daarom Vader, denken wij nu weer aan Jezus,

hoe Hij werd geboren, hoe Hij bij ons leefde,

hoe Hij heeft geleden en gestorven is.

Wij denken er weer aan

hoe Hij verrezen is op de derde dag

en terugkwam bij U, hemelse Vader,

en dat Hij bij ons leeft om ons te helpen.

Hij is U trouw gebleven,

Hij heeft tot het einde toe Uw wil gedaan.

Omwille van Zijn toewijding

hebt U ons allen weer in liefde aangenomen.

Laat ons allen die eten van dit heilig Brood,

steeds meer gaan gelijken op Hem,

zodat wij steeds meer Uw kinderen zullen zijn.

 

Door Jezus en met Hem en in Hem

danken wij en prijzen wij U, God, Almachtige Vader,

vandaag en alle dagen tot in eeuwigheid. Amen.

 

 

EUCHARISTISCH HOOGGEBED   34

 

 

Goede Vader,

wij danken U voor Jezus, uw Zoon,

arm is Hij geboren,

in Nazareth groeide Hij op als jongen.

Later trok Hij rond om aan de mensen te zeggen

dat U, God, hun Vader zijt.

 

De hongerige en vermoeide mensen

konden tot bij Hem komen.

De zieke mensen maakte Hij beter.

De armen maakte Hij blij.

De kinderen liet Hij bij zich komen.

 

Vandaag heeft Hij ons ook uitgenodigd,

om samen aan tafel te eten.

Zo deed Hij ook met zijn apostelen.

 

Daarvoor zijn wij nu samengekomen.

Daarvoor willen wij U danken.

 

De avond voor zijn dood heeft Hij

ons uw liefde betuigd:

Hij was aan tafel met zijn leerlingen;

Hij nam een stuk brood, zegde een gebed

om U te zegenen en te danken;

Hij verdeelde het brood en gaf het aan zijn leerlin­gen

terwijl Hij zei:

 

Neem en eet hiervan, gij allen, want dit is mijn

lichaam dat voor u gegeven wordt.

 

Dan nam Hij een beker met wijn,

nogmaals zegde Hij een gebed om U te danken;

Hij liet de beker rondgaan bij iedereen en sprak tot hen:

 

Neem deze beker en drink hier allen uit,

want dit is de beker van het nieuwe,

altijddurende verbond;

dit is mijn bloed dat voor u en alle mensen wordt

vergoten tot vergeving van de zonden.

 

Dan zei Hij hun: Blijf dit doen om Mij te gedenken.

 

Heer Jezus, wij verkondigen uw dood

en wij belijden tot Gij wederkeert

dat Gij verrezen zijt.

 

God, onze Vader,

wij danken U voor uw Zoon

en denken aan Hem.

Hij heeft pijn geleden.

Hij is voor ons gestorven op het kruis,

maar U hebt Hem de derde dag

uit de dood laten opstaan.

 

Nu leeft Hij weer en sterft niet meer.

 

Goede Vader, wij willen allen één met Jezus zijn

en leven zoals Hij het ons heeft voorgeleefd.

Daarom gaan wij eten van dit heilig brood,

dat Jezus zelf is.

Geef dat wij daardoor meer op Hem gaan gelijken.

 

Zo leeft Hij meer in ons en rondom ons.

 

Dan zullen wij samen met Jezus U altijd eren,

vandaag en morgen en altijd.

 

 

EUCHARISTISCH HOOGGEBED   35

 

 

Niemand heeft U ooit gezien.

En toch zijt Gij duidelijk aan het werk

daar waar mensen elkaar vinden

en van elkander houden,

waar mensen de handen in elkaar slaan

en samen kleine stappen zetten

om deze wereld om te bouwen

tot uw wereld.

 

Gij zijt aan het werk

in de ontluikende liefde tussen mensen,

in de groeiende solidariteit,

de blijvende verbondenheid,

in elke trouwe inzet

voor vrede en gerechtigheid.

Wij zien U aan het werk in Jezus.

De woorden die Hij sprak

waren Uw woorden, en worden ook de onze.

Zijn keuze voor mensen

was Uw keuze en wordt ook de onze.

In Hem zagen wij wie Gij zijt

en wat liefde vermag.

 

Zijn herinnering houden wij in eer,

en we nemen Hem als inspiratie,

als richtsnoer voor ons leven,

als blijvende oproep om ook nu te doen

wat Hij heeft gedaan.

 

Die avond, vlak voor Zijn dood,

vatte Hij Zijn leven samen,

toonde Hij wie Hij was

en wie Hij blijven wou voor ons.

Hij nam het brood, brak het

en verdeelde het onder Zijn vrienden, en zei:

"Neem van dit brood en eet ervan: dit ben Ik,

mijn leven voor u gegeven.

Doe dat ook."

Hij nam de beker met wijn

en dankte en zei:

"Dit is de beker met mijn bloed,

mijn leven voor u uitgedeeld.

Drink ervan, en doe dat ook.

In uw breken en delen

blijf Ik midden onder u."

 

Dank zij Hem zijn wij hier samen,

en bidden wij U:

doordring ons met uw Geest,

beziel ons,

steek kracht in ons, uw levenskracht,

opdat in onze woorden en daden

iets van U zichtbaar wordt,

opdat de stroming die in Jezus begonnen is,

in ons mag verdergaan.

Dit vragen wij U voor allen

die naast ons in het leven staan:

voor hen van wie wij heel veel houden,

en voor hen van wie wij nog niet genoeg houden,

voor allen die aan ons zijn toevertrouwd,

voor hen die van ver of van nabij

met ons te maken hebben,

en voor de grote mensenwereld

die Gij ons in handen hebt gegeven.

 

Zend ons daarheen met handen vol vrede,

met woorden en liefde.

Dat wij alle eer doen

aan de nieuwe naam die Gij ons geeft:

gebroken brood, gedeelde wijn,

lichaam van Christus.

 

 

EUCHARISTISCH HOOGGEBED   36

 

 

Jezus is ons voorgegaan,

arm van geest en zuiver van hart,

met een mateloze honger van gerechtigheid,

in dienst van Uw Rijk.

 

Hij was barmhartig,

toegankelijk voor al wie in nood verkeerde,

brood voor de hongerenden, genezing voor de zieken,

leven voor de doden en vergeving voor de bozen.

Steeds opnieuw trok Hij zich terug

in de eenzaamheid om tot U te bidden.

Zijn geest lag in Uw handen.

 

Zo was Hij ook die avond,

de laatste met zijn leerlingen,

toen Hij, ten teken van zijn gezindheid,

uit liefde voor ons, het brood brak,

U dankte

en het uitreikte aan zijn leerlingen

met de woorden:

Neemt en eet hiervan gij allen,

want dit is mijn lichaam

dat voor u gebroken wordt.

 

Toen nam Hij de beker, dankte U

en reikte hem aan zijn leerlingen met de woorden:

Neemt en drinkt,

want dit is de Beker van het Nieuwe Verbond,

mijn bloed dat vergoten wordt

tot vergeving van zonden, voor het heil van de mensen.

Blijf dit doen om Mij te gedenken.

 

Heer Jezus, wij verkondigen uw dood

en wij belijden tot Gij wederkeert,

dat Gij verrezen zijt.

 

Zoals Hij het ons heeft gevraagd,

gedenken wij nu zijn leven,

zijn lijden en zijn dood,

zijn opstanding uit de doden

en zijn  intrede in Uw leven.

Wij belijden dat Hij de eerste is

van de nieuwe hemel en de nieuwe aarde,

Uw beeld en gelijkenis,

licht van Uw licht, Uw Zoon.

En wij zien vol verwachting uit

naar zijn komst

wanneer Hij ons en onze wereld

voorgoed opneemt bij U.

 

Nu vragen wij U,

zend onder ons zijn Geest

dat wij op Hem beginnen te gelijken.

Maak ons zuiver van hart en arm van geest,

doe ons hongeren naar gerechtigheid.

Maak ons barmhartig en leer ons tot U spreken

met zijn woorden.

 

Wij bidden U voor de kerk,

dat zij Hem mag vertegenwoordigen

als een licht in de wereld,

als een stad op de berg, als uw dienares.

 

Neem hen die ons zijn voorgegaan op in Uw licht.

Dat zij, met Hem en met ons,

U mogen loven en prijzen en U zien

van aangezicht tot aangezicht,

Uw zonen en dochters voor altijd.

 

Dan zal er vreugde zijn op aarde,

vrijheid en vrede in Jezus' Naam.

Door Hem en met Hem en in Hem

bieden wij U, almachtige Vader,

dit dankoffer aan,

in de gemeenschap van de kerk

die leeft door Jezus' geest,

vandaag en alle dagen tot in eeuwigheid.  Amen.

 

 

EUCHARISTISCH HOOGGEBED   37

 

 

Gij die God zijt,

die mensen maakt van stof en licht

met hart en ziel,

wij danken U dat wij bestaan tot deze dag,

Gij die ons maakt, ons breken kunt,

tot leven brengt.

Uw werk zijn wij, Uw levenswerk:

 

Een mens zijn wij door alles heen,

een mens van brood maar niet alleen,

die komt en gaat en leeft voorgoed,

door U voorzien, Uw vlees en bloed.

 

Een mens zijn wij, Uw lief en leed,

door tranen heen,

door onze schuld en onschuld heen,

tot Gij ons zoekt in een woestijn,

de doodswoestijn,

ons vinden zult op deze grond van ons ontstaan,

ons roept als Uw Zoon, Jezus-die-redt,

die komt en gaat,

met mensen is, ons hoort en voelt.

 

Het licht is Hij voor wie niet zien,

de weg voor wie geen uitweg weet,

Uw eigen naam,

door ons gehoopt, levend en wel,

 

Refrein

 

Die brood heeft genomen, het brak

en het gaf aan zijn vrienden en zei:

 

Neem hiervan en eet, mijn lichaam voor u

mijn leven gedeeld.

 

Ook nam Hij de beker, dankte U, God,

en zei:

 

Dit is het nieuw verbond, mijn bloed

voor u vergoten,

tot heil en tot vergeving.

Doe dit totdat Ik kom.

 

Levende God, Uw Zoon is Hij,

geboren en weer opgewekt,

vergoten, en ons vlees en bloed.

Gedenk ons dan, geef ons Zijn naam,

Zijn toekomst, God,

klein als wij zijn, gebroken brood,

opdat ook wij elkaar tot deel

van leven zijn.

 

Laat ons vandaag Zijn liefde doen,

en vrede maken op de plaatsen

waar wij staan.

Dan zullen wij Uw Koninkrijk,

Uw mensen zijn.

 

Een mens zijn wij door alles heen,

een mens van brood maar niet alleen,

die komt en gaat en leeft voorgoed,

door U voorzien, Uw vlees en bloed.

 

 

EUCHARISTISCH HOOGGEBED  38

 

 

God en Vader,

Jezus -

Hij was de zoon van Jozef en Maria -

is heel lang thuis geweest en

leefde heel gewoon met iedereen.

Ze hadden plezier in Hem.

 

Later

- wat ouder geworden -

is Hij de deur uitgegaan,

de wereld in, ver van huis.

Zijn vader was al dood en

zijn moeder begreep Hem niet.

Ze maakte zich zorgen.

 

Maar Hij kon het niet laten

op zoek te gaan naar mensen

die het moeilijk hebben:

naar zieken

aan hun lot overgelaten -

naar herders en vissers

arm en niet in tel -

naar mensen

om hun beroep of gedrag

met de nek aangekeken -

naar simpele zielen

onder de duim gehouden.

En steeds weer zei Hij:

dit wil God van jou en Mij,

want Hij is één en al liefde.

 

Hij was weg van bloemen

en genoot van hun kleur:

'Niemand heeft die bedacht,

niemand die geschilderd'.

Hij luisterde naar vogels

en floot met ze mee:

'Niemand heeft

hun lied gemaakt;

niemand hun muziek geleerd.

Want kleur en lied

zijn aan het leven gegeven,

cadeau gedaan' zei Hij.

 

Hij was gek op kinderen,

die niet sterk zijn

en niet zoveel weten,

maar dansen en spelen

dat het een lieve lust is.

'Zie ze eens bezig' zei Hij

'die weten wat de hemel is'.

Hij nam ze op de knie

en graag of niet

iedereen moest kijken

en naar ze luisteren.

 

Hij ging met zijn vrienden

en iedereen die kwam aanwaaien

vaak aan tafel om te eten.

Dan nam Hij brood,

brak het en

gaf iedereen een stuk.

 

Zo herinneren wij ons dat Hij

op de avond voor zijn lijden en dood

met zijn vrienden samen was.

 

Hij werd er door ontroerd:

'Weet je wat leven, wat geluk is?

Jezelf en al wat je hebt

breken als brood en delen met anderen.

Mijn leven is als brood

met alle mensen gedeeld

en God is het gist;

wij zijn één lichaam

en God is het hart'.

 

Daarna nam Hij een beker met wijn.

Hij dankte U, God, voor alles.

Hij zei: Mijn leven is als wijn

die jullie nu mogen drinken,

teken van de nieuwe tijd,

teken van het nieuwe Verbond

dat niet door lijden, zonde of dood wordt verbroken.

Leef ook zo en gedenk mij.

 

Toen Hij

- jong nog -

was gestorven,

kwamen zijn vrienden en

steeds meer mensen

bij elkaar.

Ze deelden alles samen,

gingen aan tafel,

werden stil

en zeiden Jezus na:

'Dit brood is het leven

samen gedeeld;

dit brood zijn wij

één in Hem, die het gist,

het hart van ons leven is'.

 

Dan zagen ze

Jezus weer voor zich

en wisten heel zeker:

Hij is hier

onder ons,

nog meer

dan bij leven

bestaat Hij voor ons,

hebben wij kennis met Hem.

 

God,

wat waren die mensen

U dankbaar.

En ze spraken U aan

zoals Jezus het deed:

 

Onze Vader

die in de hemel zijt

uw naam worde geheiligd

uw rijk kome

uw wil geschiede op aarde

zoals in de hemel.

Geef ons heden ons dagelijks brood

en vergeef ons onze schuld

zoals wij aan anderen

hun schuld vergeven

en leid ons niet in bekoring

maar verlos ons van het kwade,

amen.

 

 

EUCHARISTISCH HOOGGEBED  39

 

 

Leven, kracht en groei ervaren wij

in schepping, hart en handen.

Leven, samen met mensen

is een wonder gebeuren,

is een kans om mens te worden met elkaar.

 

God en Vader,

Gij zijt de bron

van al wat leeft,

Gij zijt een vuur

dat warmte geeft.

Van dank zijn wij vervuld.

 

Mensen met elkaar begaan worden tochtgenoten,

genieten van elkaars bestaan.

Mensen aan mensen toegewijd,

worden gelovig aan elkaar,

vermoeden dat Gij er zijt.

 

God en Vader,

Gij zijt de grond

die ons steeds draagt.

Gij zijt de Stem

die liefde vraagt.

Van dank zijn wij vervuld.

 

Uw kracht brengt stroming, zet mensen in beweging.

Uw Geest hebt Gij in mensen uitgezaaid.

 

Mensen hebben Uw nabijheid, Uw hart

vooral ervaren in Jezus Christus.

Doordrongen van Uw goedheid en menslievendheid

was Hij mensen bekommerd nabij.

Levend in Uw milde stroming

schonk Hij open mensen

moed, vergeving en vervulling.

Wij danken U om alles wat op aarde groeit,

vooral om Jezus, Uw Zoon, die ons vandaag nog blijvend boeit.

God en Vader,

Uw adem

geeft aan mensen vaart.

In Hem werd dit geopenbaard.

Van dank zijn wij vervuld.

 

God en Vader, zegen dit brood en deze wijn,

en vervul deze gaven met Uw kracht.

Toen Jezus afscheid nam van zijn vrienden,

bracht Hij hen samen rond de tafel.

Hij was voor mensen zo goed als brood

en gaf het door aan zijn vrienden met deze woorden:

 

"Neem en eet allen hiervan,

want dit is Mijn Lichaam aan u allen gegeven".

 

Genietbaar als een beker wijn,

zo wou Jezus het leven laten smaken.

Hij dankte God zijn Vader voor die genadevolle opdracht

en gaf toen de beker door met deze woorden:

 

"Neem deze beker en drink hier allen uit,

want dit is de beker met Mijn Bloed.

Dit is een teken dat spreekt van een nieuw verbond met u allen,

tot vergeving van de zonden.

Telkens als gij zo samenkomt rond brood en wijn,

doe het dan om Mij te gedenken".

 

Jezus Christus,

Gij zijt bezield,

verlossend woord.

Uw Geest in ons

zet leven voort.

Van dank zijn wij vervuld.

 

In goede en kwade dagen, in lief en leed,

brengen wij het leven van Jezus ter sprake.

Wij vieren Zijn gedachtenis,

want wij geloven dat Gij, God en Vader,

tenvolle zichtbaar zijt geworden

in deze mens, Jezus Uw Zoon.

Gij hebt Hem gezalfd, doordrongen van Uw Geest.

 

Vervul ook ons allen met Uw kracht.

Maak ons, broze mensen,

sterk en krachtig door Uw vuur.

 

Zoals Jezus zijn ook wij, Uw volk,

door U geroepen en gezonden.

 

Geef dat wij door U gedragen,

stroming verwekken,

vrede bewerken,

elkaar zijn toegewijd.

Dan zal Uw rijk van vrede en gerechtigheid verder groeien

midden onder ons.

 

Beziel ons daarom met Uw Geest

vandaag en alle dagen van ons leven.

God en Vader,

Gij wilt dat mensen zorg dragen voor elkaar.

Gij hebt mensen aan mensen toevertrouwd.

Geef dat wij elkaar hartelijk en warm nabij blijven

in de Geest van Jezus Christus, Uw Zoon en onze Heer.

 

 

EUCHARISTISCH HOOGGEBED  40

 

 

God van de woestijn en God van het beloofde land,

Stamvader van het-altijd-zwervers,

die weg zijn om thuis te komen:

wij bidden hier met de staf in ons hand ons reisgebed.

 

Wij zijn uw volk onderweg,

u kent ons opstaan en neerzitten:

mensen die vandaag vuur en vlam zijn

en morgen misschien weer gedoofd;

mensen die verder gaan maar die ook neerzitten,

duf worden en niets meer zijn,

niets en niemand nog aansteken.

 

Wij bidden U: wees hier aanwezig, God,

en maak ons opnieuw reisvaardig;

dat we ons veilig nest inruilen voor een vluchtige tent,

en dat wij opnieuw de weg opgaan,

nu de ringdijken van onze zekerheden worden weggebroken.

 

Geef ons een nieuwe kans om weer te zijn

zoals uw gemeente uit het begin:

aanhangers van de weg.

Geef ons daarom oog voor hem,

die geen vaste tempel was,

geen vaste burcht, geen heilige stoet.

Hij, die zelfs geen steen had

om zijn hoofd op neer te leggen,

die zei: “k ben een vuur komen brengen,

een laaiende gloed”,

die storm en onrust was.

Geef ons oog voor Jezus van Nazareth,

uw zoon die als geen ander rust noch duur kende

om mensen te wijzen naar de weg van uw Koninkrijk.

Die er alleen voor ging zitten, op die laatste avond,

toen Hij het brood nam, de zegenbede sprak,

het brood braken aan zijn leerlingen gaf met de woorden:

 

Dit is mijn Lichaam gebroken voor u.

 

Die eveneens de beker nam,

opnieuw de zegenbede sprak,

en hem aan zijn vrienden gaf met de woorden:

 

Neem deze beker en drinkt hier allen uit;

want dit is de beker van het nieuwe altijddurende Verbond,

dit is mijn bloed dat voor u en alle mensen wordt vergoten

tot vergeving van de zonden.

Blijft dit doen om mij te gedenken.

 

Geef ons, God, zijn geest voor onderweg:


dat wij opstaan uit onze gevestigde 'ik',

uit de beslotenheid van onze eigen veiligheid

en dat wij ruimte zijn,

begaanbaar­heid voor iedereen!

Dat wij niet verloren raken in-angstig-hebben,

maar dat wij uitzien en uitgaan naar elkaar,

naar de bevrijding van elkaar,

dat wij deze aarde steeds weer vernieuwen

uit kracht van U, die heeftgezegd: “Alles maak Ik nieuw!”

 

 

EUCHARISTISCH HOOGGEBED  41

 

 

U danken wij, almachtige God, voor Jezus onze broeder,

die Gij geroepen en gezonden hebt

om aan kleinen de blijde boodschap te brengen,

om blinden te doen zien en doven te doen horen.

Hij is uw woord voor ons.

Hij heeft het gezegd en wij mogen geloven

dat Gij onze Vader zijt.

Al uw liefde heeft Hij ons toegezegd.

 

U danken wij

voor Jezus uw veelgeliefde Zoon,

die Gij geroepen en gezonden hebt

niet om gediend te worden,

maar om te dienen;

niet om te veroordelen

maar om te redden wat verloren was.

Hij in het beeld van uw goedheid,

Hij heeft het gezegd en wij mogen geloven

dat Hij één is met U.

In Hem is uw menslievendheid zichtbaar geworden.

 

U danken wij, Vader,

voor Jezus onze Heer,

die Gij geroepen en gezonden hebt

om ons in alles voor te gaan

en ons leven te leven en ons lijden te dragen.

Hij is gehoorzaam geworden tot de dood.

Hij heeft gezegd en wij geloven

dat Hij alles heeft volbracht.

Aan U en aan de mensen

heeft hij zich prijsgegeven.

 

In de nacht waarin Hij werd overgeleverd

heeft Hij een teken gegeven van zijn liefde tot het uiterste.

Hij nam brood in zijn handen.

Vertrouwvol zag Hij op naar U, zijn almachtige Vader,

en Hij dankte U;

Dankend aanvaardde Hij de spijs

die Gij Hem gegeven hebt.

Dankend aanvaardde Hij een gegeven man te zijn,

trouw in de liefde, ook als het lichaam gebroken wordt.

Dan brak Hij het brood

en deelde het uit aan zijn vrienden met de woorden:

 

Neemt en eet, dit is mijn lichaam

dat voor u en voor allen gebroken en gegeven wordt.


Doet dit om mij te gedenken.

 

Toen nam Hij ook de beker in zijn handen,

zag op naar U en dankte U.

Dankend aanvaardde Hij de beker die Gij Hem gegeven hebt.

Dankend aanvaardde Hij

zijn leven te geven voor zijn vrienden.

Dan reikte Hij de beker aan zijn leerlingen met de woorden:

 

Drinkt allen hiervan,

want dit is de beker van het nieuwe verbond,

mijn bloed

dat voor u en voor allen vergoten wordt

tot vergeving van zonden.

Doet dit om mij te gedenken.

 

Als wij dan eten van dit brood

en drinken uit deze beker,

verkondigen wij do dood des Heren

totdat Hij wederkomt.

 

Trouw aan dit woord, Vader,

breken wij hier dit brood en zegenen wij deze beker.

Dankbaar gedenken wij de daden van de Heer

zijn uittocht uit de verlorenheid,

zijn doortocht door de dood,

zijn intocht in uw heerlijkheid,

Dankbaar gedenken wij

al wat Hij ons heeft voorgeleefd

en we stellen ons in zijn gezindheid.

Laat uw Geest, de getuige van Jezus’ lijden en verrijzenis,

rusten op deze gaven van uw kerk;

dat deze heilige tekenen ons mogen spreken

van Jezus’ dood die wekt tot leven,

dat wij alles mogen verstaan

wat Jezus ons geleerd heeft,

dat wij vervuld mogen worden van zijn liefde.

 

Zoals dit gebroken brood eens werd uitgezaaid op de velden

en verzameld om er een eenheid van te maken,

verzamel nu, van de uiteinden der aarde,

alle mensen in uw koninkrijk.

Zoals deze wijn,

teken van vriendschap en vervulling,

werd aangedragen op het bruiloftsmaal,

schenk ons nu deze wijn als feestdrank

van het Nieuw Verbond tussen U en ons allen.

Dan zal er vreugde zijn op aarde,

vrijheid en vrede in Jezus’ naam.

 

Door Hem en met Hem en in Hem

bieden wij U almachtige Vader,

dit dankoffer aan in de gemeenschap van de Kerk,

die leeft door Jezus’ geest

vandaag en alle dagen tot in eeuwigheid.  Amen.

 

 

EUCHARISTISCH HOOGGEBED  42

 

 

U danken wij, almachtige God, voor Jezus onze broeder,

die Gij geroepen en gezonden hebt

om aan kleinen de blijde boodschap te brengen,

om blinden te doen zien en doven te doen horen.

Hij is uw woord voor ons.

Hij heeft het gezegd en wij mogen geloven

dat Gij onze Vader zijt.

Al uw liefde heeft Hij ons toegezegd.

 

U danken wij

voor Jezus uw veelgeliefde Zoon,

die Gij geroepen en gezonden hebt

niet om gediend te worden,

maar om te dienen;

niet om te veroordelen

maar om te redden wat verloren was.

Hij in het beeld van uw goedheid,

Hij heeft het gezegd en wij mogen geloven

dat Hij één is met U.

In Hem is uw menslievendheid zichtbaar geworden.

 

U danken wij, Vader,

voor Jezus onze Heer,

die Gij geroepen en gezonden hebt

om ons in alles voor te gaan

en ons leven te leven en ons lijden te dragen.

Hij is gehoorzaam geworden tot de dood.

Hij heeft gezegd en wij geloven

dat Hij alles heeft volbracht.

Aan U en aan de mensen

heeft hij zich prijsgegeven.

 

In de nacht waarin Hij werd overgeleverd

heeft Hij een teken gegeven van zijn liefde tot het uiterste.

 

Hij nam brood in zijn handen.

Vertrouwvol zag Hij op naar U, zijn almachtige Vader,

en Hij dankte U;

Dankend aanvaardde Hij de spijs

die Gij Hem gegeven hebt.

Dankend aanvaardde Hij een gegeven man te zijn,

trouw in de liefde, ook als het lichaam gebroken wordt.

Dan brak Hij het brood

en deelde het uit aan zijn vrienden met de woorden:

 

Neemt en eet, dit is mijn lichaam

dat voor u en voor allen gebroken en gegeven wordt.

Doet dit om mij te gedenken.

 

Toen nam Hij ook de beker in zijn handen,

zag op naar U en dankte U.

Dankend aanvaardde Hij de beker die Gij Hem gegeven hebt.

Dankend aanvaardde Hij

zijn leven te geven voor zijn vrienden.

Dan reikte Hij de beker aan zijn leerlingen met de woorden:

 

drinkt allen hiervan,

want dit is de beker van het nieuwe verbond,

mijn bloed

dat voor u en voor allen vergoten wordt

tot vergeving van zonden.

Doet dit om mij te gedenken.

 

Als wij dan eten van dit brood

en drinken uit deze beker,

verkondigen wij de dood des Heren

totdat Hij wederkomt.

 

Trouw aan dit woord, Vader,

breken wij hier dit brood en zegenen wij deze beker.

Dankbaar gedenken wij de daden van de Heer

zijn uittocht uit de verlorenheid,

zijn doortocht door de dood,

zijn intocht in uw heerlijkheid,

Dankbaar gedenken wij

al wat Hij ons heeft voorgeleefd

en we stellen ons in zijn gezindheid.

Laat uw Geest, de getuige van Jezus’ lijden en verrijzenis,

rusten op deze gaven van uw kerk;

dat deze heilige tekenen ons mogen spreken

van Jezus’ dood die wekt tot leven,

dat wij alles mogen verstaan

wat Jezus ons geleerd heeft,

dat wij vervuld mogen worden van zijn liefde.

 

Zoals dit gebroken brood

eens werd uitgezaaid op de velden

en verzameld om er een eenheid van te maken,

verzamel nu, van de uiteinden der aarde,

alle mensen in uw koninkrijk.

Zoals deze wijn,

teken van vriendschap en vervulling,

werd aangedragen op het bruiloftsmaal,

schenk ons nu deze wijn als feestdrank

van het Nieuw Verbond tussen U en ons allen.

Dan zal er vreugde zijn op aarde,

vrijheid en vrede in Jezus’ naam.

 

Door Hem en met Hem en in Hem

bieden wij U almachtige Vader,

dit dankoffer aan in de gemeenschap van de Kerk,

die leeft door Jezus’ geest

vandaag en alle dagen tot in eeuwigheid.  Amen.

 

 

EUCHARISTISCH HOOGGEBED  43

 

 

 

Met u begin Ik helemaal opnieuw, zegt God;

het mosterdzaadje leg ik in uw handen,

de akker met onkruid

maar ook het opgroeiende graan.

Het nu-moment is een uitdaging.

 

Wij willen kiezen, zoals Jezus,

voor een sterke verbondenheid

met lief en leed van de gewone mens,

met de onmacht van de huidige situatie,

met het geweld en het onrecht van de wereld.

Wij willen kiezen, zoals Jezus,

voor de kleine mens,

voor het spelende kind,

met heel de kracht van ons leven.

 

Het evangelie ligt vaak

nog onhandig in onze handen;

maar vanuit Zijn bewogenheid

en vanuit ons samen zoeken

durven wij opnieuw gaan dromen.

 

En daarom zingen wij samen

het loflied van Zijn heerlijkheid: heilig...

 

Gisteren een stap uit mezelf,

vandaag verbonden met velen,

morgen de hoop dat het anders kan...

Laat het ook vandaag weer gebeuren

dat zij die geloven aaneengesloten zijn,

niet rond eigen middelpunt

maar rond zijn brood en de beker vol wijn,

rond die goddelijke mens Jezus van Nazareth.

Die de avond voor hij sterven zou

met zijn vrienden aan tafel ging,

het brood nam, dank zegde aan God,

het brood brak en uitdeelde met de woorden:

neem en eet, dit is mijn lichaam,

dat voor u gegeven wordt.

 

Hij nam ook de beker met wijn,

dankt zijn Vader, zegende de beker en zei:

neem en drink hier allen uit,

dit is de beker van het nieuwe, altijddurende verbond;

dit is mijn bloed dat voor u

en voor alle mensen wordt vergoten

tot vergeving van de zonden.

Blijf dit doen om Mij te gedenken.

 

Wij schamen ons ervoor samen dit brood te breken

wanneer mensen het in deze wereld niet kunnen.

Wij schamen ons ervoor samen deze beker te drinken,

als mensen, hele volken, van dorst omkomen.

Toch willen wij daarom precies

blijven bidden en werken

opdat God ons nieuw zou maken

en ons thuis zou brengen.

 

Wij gedenken vandaag met open ogen

en warm kloppend hart

onze eigen vader en moeder,

die ons droegen

tot wie we nu zijn.

 

Wij gedenken onze zusters en broeders

alle lieve mensen die ons niet breken,

die ons héél maken,

die de kilte ins ons verwarmen

en het vertrouwen in ons wekken.

 

Wij gedenken hen die meeleven met het lot van mensen,

de sterken die de zwakken kunnen dragen,

zij die brood en leven,

tijd, huis en goed delen met anderen.

Ook voor hen bidden wij die het uithouden

om met mensen te gaan

tot aan de poort van de dood.

 

Wij gedenken allen die gaan in het voetspoor van Jezus,

die de armoede en het leed van anderen zien

en er ook wat aan doen;

die opstaan om de aarde anders te maken,

die structuren van onrecht breken

en mensen mobiliseren voor een nieuwe aarde.

 

Moge deze viering voor ons allen een aanmoediging zijn

om ruimte te maken voor ècht leven,

in verbondenheid met velen.

 

Laten wij dan in deze geest

samen de maaltijd houden van de Heer,

het brood breken met elkaar,

de wijn van vreugde drinken,

om zo goed als Jezus mens te worden voor elkaar.

 

Door Hem en met Hem en in Hem

zal uw naam geprezen zijn,

Heer onze God, almachtige Vader,

in de eenheid van de heilige Geest,

hier en nu en tot in eeuwigheid.  Amen.

 

 

EUCHARISTISCH HOOGGEBED  44

 

 

Gisteren een stap uit mezelf,

vandaag verbonden met velen,

morgen de hoop dat het anders kan...

Laat het ook vandaag weer gebeuren

dat zij die geloven aaneengesloten zijn,

niet rond eigen middelpunt

maar rond zijn brood en de beker vol wijn,

rond die goddelijke mens Jezus van Nazareth.

 

Die de avond voor hij sterven zou

met zijn vrienden aan tafel ging,

het brood nam, dank zegde aan God,

het brood brak en uitdeelde met de woorden:

neem en eet, dit is mijn lichaam,

dat voor u gegeven wordt.

 

Hij nam ook de beker met wijn,

dankt zijn Vader, zegende de beker en zei:

neem en drink hier allen uit,

dit is de beker van het nieuwe, altijddurende verbond;

dit is mijn bloed dat voor u

en voor alle mensen wordt vergoten

tot vergeving van de zonden.

Blijf dit doen om Mij te gedenken.

 

Wij schamen ons ervoor samen dit brood te breken

wanneer mensen het in deze wereld niet kunnen.

Wij schamen ons ervoor samen deze beker te drinken,

als mensen, hele volken, van dorst omkomen.

Toch willen wij daarom precies

blijven bidden en werken

opdat God ons nieuw zou maken

en ons thuis zou brengen.

 

Wij gedenken vandaag met open ogen

en warm kloppend hart

onze eigen vader en moeder,

die ons droegen

tot wie we nu zijn.

 

Wij gedenken onze zusters en broeders

alle lieve mensen die ons niet breken,

die ons héél maken,

die de kilte ins ons verwarmen

en het vertrouwen in ons wekken.

 

Wij gedenken hen die meeleven met het lot van mensen,

de sterken die de zwakken kunnen dragen,

zij die brood en leven,

tijd, huis en goed delen met anderen.

Ook voor hen bidden wij die het uithouden

om met mensen te gaan

tot aan de poort van de dood.

 

Wij gedenken allen die gaan in het voetspoor van Jezus,

die de armoede en het leed van anderen zien

en er ook wat aan doen;

die opstaan om de aarde anders te maken,

die structuren van onrecht breken

en mensen mobiliseren voor een nieuwe aarde.

 

Moge deze viering voor ons allen een aanmoediging zijn

om ruimte te maken voor ècht leven,

in verbondenheid met velen.

Laten wij dan in deze geest

samen de maaltijd houden van de Heer,

het brood breken met elkaar,

de wijn van vreugde drinken,

om zo goed als Jezus mens te worden voor elkaar.

 

Door Hem en met Hem en in Hem

zal uw naam geprezen zijn,

Heer onze God, almachtige Vader,

in de eenheid van de heilige Geest,

hier en nu en tot in eeuwigheid.  Amen.

 

 

 

EUCHARISTISCH HOOGGEBED VOOR DE VREDE

 

 

Wij danken U, God onze Vader,

dat wij vrede kunnen vinden,

wij mensen met elkaar,

liefde en verzoening,

brood om met elkaar te delen,

kinderen die van haat niet weten,

altijd nieuwe hoop

op een wereld vol geluk.

 

Dank aan U, God,

dat wij durven vertrouwen op de mens,

op alle goeds dat in ons leeft.

 

Dank aan U

voor de éne mens die wij met name mogen noemen:

Jezus Christus,

die geheel van onze wereld is,

en geheel de uwe, Vader.

Hij heeft zichzelf, meer dan wie ook,

gegeven voor uw koninkrijk,

vrede op aarde, een boodschap die nimmer verstomt.

Hij heeft ons de wapens van haat en geweld

uit handen genomen,

zachtmoedigheid was zijn kracht,

de minste van allen, zo ging Hij voorop.

 

Hij heeft ons geleerd, te delen

wat het leven biedt,

toen Hij op de avond voor zijn lijden

de leerlingen bijeenriep,

de zegenbede sprak,

het brood voor hen brak

en ronddeelde, zeggend:

Eet allen hiervan, dit is mijn Lichaam voor u.

Blijf dit doen, tot gedachtenis aan Mij.

 

Zo deed Hij ook met de beker,

waarover Hij de zegenbede sprak, zeggend:

Neem deze beker en deel hem samen,

want hij is het nieuwe verbond in mijn Bloed,

vergoten tot vergeving van zonden.

Blijf dit doen tot gedachtenis aan Mij.

 

Toen de Heer Jezus zijn werk van vrede

in alles had volbracht,

hebt Gij, Vader, Hem hoog verheven

en Hem genoemd:

de Mensenzoon,

de eerste en de laatste,

de band die ons bijeenhoudt,

onze vrede, -

Heer God, wij danken U

voor deze mens.

 

Zend nu zijn geest in ons midden:

geloof in de toekomst,

vertrouwen in de mens,

barmhartigheid en recht,

een geest die niet verdeelt

maar samenbrengt.

 

Zo mogen wij worden

een koninkrijk van vrede

waar het goed is om te wonen,

waar vreugde en toekomst is voor de kinderen,

hulp voor de gebrekkigen,

troost voor de bedroefden

en rust voor de bejaarden;

een wereld waar Gij, God, woont met de mensen,

een God met ons door de mens Jezus Christus.

 

Door Hem geven wij U, Vader, alle eer en dank,

vervuld van zijn geest die wij uitdragen

over heel de aarde, voor nu en altijd,

tot in de eeuwen der eeuwen.  Amen.

 

 

EUCHARISTISCH HOOGGEBED VOOR DE ADVENT  1

 

 

Naar U zien wij uit, God,

vader en moeder van mensen,

bron die niet uitdroogt van liefde,

door wie wij weten wie wij zijn.

Beeld van U, zo leven wij,

mannelijk en vrouwelijk geschapen

om deze aarde te koesteren

en het leven door te geven.

Maar zie hoe wij verscheuren

wat ons tot zorg gegeven is -

zie de dood die ons neerslaat,

zie het geweld in onze wereld.

 

Bescherm ons tegen onszelf,

lever ons niet uit aan de dood,

maar breng ons hart tot leven

om recht te doen en liefde.

Doe ons verstaan het oude woord,

gegeven door dichters en profeten :

dat wij ooit terugkomen bij u,

dat ooit  onze wereld heel zal zijn.

Doe ons daaraan vasthouden -

zoals is overgeleverd van die ene mens,

Jezus van Nazareth, langverwachte,

die vrijheid bracht en nieuwe adem.

 

Die één van ons was een leven lang,

die wist wat er omgaat in mensen,

die niet aan anderen voorbijging

die partij koos voor de verdrukten.

Voor kleine mensen had Hij liefde,

wat verscheurd was heelde Hij,

gevangenen opende Hij de poort,

bedroefden gaf Hij troost en warmte.

 

Hij toonde ons wie U bent

door niet te vallen voor de dood,

maar op te staan tegen vernietiging

- en zo is Hij zelf bewaard gebleven.

Wij willen Hem levend houden

door recht doen en vrede zoeken,

door mensen te zijn voor elkaar

in onze wereld, hier en nu.

 

Daarom nemen wij dit brood en deze beker in onze handen

om met Hem verbonden te zijn

n met elkaar, dit uur in ons leven.

Want op de avond voor Zijn dood beeldde Hij Zijn leven uit

in de maaltijd van de uittocht die Hij met de zijnen hield.

Hij brak het brood en gaf het aan Zijn leerlingen :

'dit ben Ik, mijn lichaam

dat voor u gebroken wordt'.

 

Hij nam de beker, gaf hem rond :

'drink allen, dit is mijn belofte,

mijn bloed, voor allen vergoten

- blijf zo met Mij verbonden'.

 

Met Hem verbonden tot één lichaam

en met allen sindsdien die

onze geschiedenis hebben gemaakt,

zien wij nu uit naar U.

 

Naar Uw wereld zien wij uit,

waar recht en vrede zal zijn,

waar niets of niemand verloren gaat,

waar ruimte is voor iedereen.

 

Wij zien naar U uit voor allen

die nog lijden, en hoe lang nog,

die hongeren naar voedsel,

die uitzien naar bevrijding.

Wij zien naar U uit voor allen

die geen raad meer weten,

die uitgestoten zijn en eenzaam,

die zonder naam zijn, zonder stem.

 

Wij zien naar U uit met allen

die in een kerk of daarbuiten

vervuld zijn van Uw geest

en uit zijn op gerechtigheid.

Sterk Uw visioen in ons,

dan dragen wij met recht de naam

van Hem, de mensenzoon

die leeft midden onder ons.

 

Gij die als een verre stem

in ons bestaan weerklinkt,

Gij die ons roept om ons heil niet te zoeken

in  eigen haard en thuis

maar in de warmte en het onderdak

dat wij anderen kunnen bieden :

doe ons uw stem horen,

laat ons Uw aangezicht zien

in Hem die als vreemdeling ons leven is binnengekomen

en de mensen hoop heeft gegeven

door naast hen te gaan staan,

Jezus, de man van Nazareth ...

 

Schenk ons vertrouwen in Zijn woorden

zolang wij onderweg zijn

opdat wij eenmaal Uw land zullen bereiken

waar alle haat is uitgewist

en alle tweedracht is gestild,

waar mensen van vreemdelingen vrienden zijn geworden,

tochtgenoten naar Uw Koninkrijk, broeders en zusters,

voor alle dagen van ons leven.  Amen.

 

 

EUCHARISTISCH HOOGGEBED VOOR DE ADVENT 2

 

 

God, wij herinneren ons die tijd:

toen was er de macht

van de Romeinse keizer,

en de onmacht

van een verdrukt volk.

Er was de willekeur

van Pilatus en Herodes,

het meeheulen van tollenaars

en het compromis

van hogepriesters en farizeeërs.

 

Er was de vrijheidsstrijd van Galilea,

maar die was in de kiem gesmoord:

­de doden waren niet te tellen.

 

Er was een volk in duisternis

twijfelend,

hopend op een vonk van licht ..

Er waren blinden die niet zagen,

lammen die niet opstonden,

bezetenen, gevangenen

die niet bevrijd werden,

en de massa armen,

kleine mensen

zonder hoop op beter.

Voor hen was er geen blijde boodschap.

 

Nu is er de macht van de Wereldbank,

en de nieuwe wereldorde

van de koopkracht.

Er is de alomtegenwoordigheid van de reclame

en de willekeur van multinationals.

Er is het meebeulen van politici

en het compromis van kerken.

 

Er is het taaie vechten van velen

voor vrede en gerechtigheid ...

Er is het opkomen voor de rechten van de mens

en voor bet behoud van de schepping.

En evenmin zijn zij te tellen

die sterven of verdwijnen.

 

Er is de onmacht

van volkeren in duisternis.

De hongerigen krijgen niet te eten,

de gevangenen worden niet bevrijd,

de werklozen vinden geen werk

en kinderen worden groot zonder toekomst.

Lammen zijn nog even lam,

blinden even blind,

en voor arme, kleine mensen

is er al lang

geen blijde boodschap meer.

 

Toen kwam uw Zoon,

Jezus uit Nazareth,

die naast hen ging staan,

hun leven deelde,

zijn leven brak.

Ik ben er voor jullie, zei Hij,

om te dienen,

om te redden wat verloren is.

 

Stem van hoop

en bron van leven

voor allen die gezeten waren

in de schaduw van de dood.

Vlijmscherpe aanklacht

tegen alles wat corrupt,

schijnheilig,

onrechtvaardig was

in mensen en structuren.

 

Opkomend voor de mens,

de kleine vergeten mens,

opdat aan hem

Gods Wil zou gebeuren.

 

En trouw,

ook als het kruis

niet meer te ontwijken was.

Toen Hij die laatste avond

brood brak

en zei: Neem en eet Mij,

 

en wijn ronddeelde

en zei: drink Mij,

ik ben aan U gegeven, -

­wist Hij waar Hij aan toe was:

zijn gebaar was werkelijkheid

nog diezelfde nacht.

 

De graankorrel moet in de aarde vallen

om vrucht voort te brengen.

Want blinden zien

en lammen staan op

en armen horen woorden van hoop.

Gedragen door zijn Geest

worden mensen uit zichzelf gehaald,

bevrijd

om te leven voor anderen.

 

God, nu zijn wij hier

staande in de beweging die Hij gemaakt heeft.

Wij leven van dezelfde droom.

Wij herkennen dezelfde opdracht.

En de kracht die Hem voortstuwde

is ook onze kracht.

 

Omdat Hij het ons heeft voorgedaan

en met aandrang vroeg het te blijven doen,

nemen wij opnieuw brood in onze handen:

ons leven,

als voedsel en levenskracht voor mensen.

Wij breken en delen het met elkaar

en we spreken uit, al doende:

Neem ons, eet ons,

hier is ons leven voor u.

 

En wij bidden

dat ook dit geven van onszelf

teken en aanzet mag worden

van een nieuwe wereld.

 

Wij nemen ons leven in handen

als een beker

van vreugde en verbondenheid.

En we delen met elkaar

en spreken uit al doende:

­Neem ons,

drink ons,

hier is ons leven voor u:

al wat we zijn en hebben,

al wat wij voor mensen

kunnen betekenen.

 

En wij bidden

dat in de gave van onszelf

de eerste tekenen van vrede

zichtbaar mogen worden,

een nieuwe verbondenheid

tussen U, God en ons mensen.

Dat wij voor kleine gewone mensen

in Godsnaam

blijde boodschap zijn.

Door Jezus Christus en met Hem en in Hem ...

 

 

EUCHARISTISCH HOOGGEBED VOOR KERSTMIS  1

 

 

Heer, onze God,

Licht zonder spoor van duisternis,

Wij prijzen ons gelukkig,

dat U klaarheid brengt in onze donkere nacht.

Onze aarde is vaak woest en leeg,

door duisternis bedekt,

maar U zegt uw trouw niet op,

U laat altijd uw licht weer over ons gaan.

 

Wij danken U, want u bent de zon,

die kleur en warmte geeft

aan onze grijze en verkilde wereld.

U bent een bron van leven voor ons,

die niet zijn opgewassen tegen de dood.

 

Wij danken U, Heer God,

voor de tekens van uw licht,

voor de mensen, die ons overeind helpen

als wij zijn gevallen,

die ons bij de hand nemen als wij zijn verdwaald,

die ons doen ontluiken door de warmte van hun liefde.

 

Wij willen U danken voor de mensen,

die lief en leed met ons delen.

Door hen weten wij, dat U ons niet vergeet.

 

Voor één van hen kunnen wij U niet genoeg danken,

voor Jezus, uw Gezalfde, Licht van uw Licht,

ongehoorde belofte van vrede.

Voor groten en verstandigen is Hij verborgen ;

alleen de kleinen worden zijn licht gewaar.

 

Zonder aanzien is Hij,

als een pasgeboren kind,

zonder geweld is Hij in ons midden

als het waaien van een zachte bries.

 

Hij valt in het niet bij de groten der aarde.

Zijn macht is bij ons niet in tel.

Een heer, die zich niet laat gelden,

maar die ons als de minste bedient.

 

Want in de nacht waarin Hij werd overgeleverd

nam Hij het brood in zijn handen en bracht U dank.

Toen brak Hij het en gaf het aan zijn vrienden

met de woorden :

 

Neem en eet, dit is Mijn lichaam,

Mijn leven gegeven voor u.

 

Daarna nam Hij de beker met wijn

en gaf hem aan zijn vrienden met de woorden :

 

Drink hiervan allen, dit is Mijn bloed,

Mijn leven voor het leven van de wereld.

Blijf dit doen om Mij te gedenken.

 

Heer, onze God,

uw dwaasheid overtreft onze wijsheid,

uw zwakheid is sterker dan onze kracht.

Jezus, uw dienstknecht

voor wie er geen plaats was in onze wereld,

hebt U niet onder de doden geteld.

U hebt Hem in ere hersteld.

Als een licht hebt U Hem doen opgaan over ons,

die wonen in de schaduw van de dood.

 

Wij bidden U :

Zend over deze gaven uw scheppende Geest

en schenk ons de genade van een nieuw begin.

Bevrijd ons van de eerzucht

waardoor wij ons blindelings laten gelden

en open onze ogen

voor alles wat klein en onaanzienlijk is.

Herschep in ons het hart van een kind.

Maak ons ontvankelijk voor uw vrede.

 

U kent ons lijden en onze nood.

U hebt het verlossende woord gesproken.

Wij prijzen U om Jezus,

'God met ons' is zijn naam.

Vol vertrouwen richten wij ons tot U

met de woorden die Hij ons heeft gegeven ;

vrijmoedig als kinderen spreken wij U aan

met de naam die Hij ons heeft geleerd.

 

 

EUCHARISTISCH HOOGGEBED VOOR KERSTMIS  2

 

 

God,

wij wachten op U,